Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
Rijksbegroting Overzicht Voorbereiding Uitvoering Verantwoording
2010
  • Download PDF

2.3. De economie en overheidsfinanciën

Gefaseerde doorwerking

De storm op de financiële markten lijkt inmiddels te zijn geluwd. Beurzen hebben zich vooralsnog deels hersteld na het dieptepunt in maart 2009, het vertrouwen van consumenten en producenten krabbelt de laatste maanden iets op en de Amerikaanse en Aziatische economieën tonen enkele tekenen van herstel. De wereldeconomie, en daarmee ook de Nederlandse, zal waarschijnlijk nog lang lijden onder de economische crisis. De negatieve gevolgen zullen vooral in 2010 zichtbaar worden in een oplopende werkloosheid en overheidsschuld.

Kredietverlening voorwaarde voor economisch herstel

Een goed functionerend bankenstelsel en passende kredietverlening zijn cruciale voorwaarden en de motor voor economisch herstel. Als gevolg van de problemen in de financiële sector hapert de economie. Nu herstel op de financiële markten lijkt ingezet, kan het vertrouwen van consumenten en producenten weer toenemen en de kredietverlening weer op gang komen. Het kabinet houdt de situatie op de financiële markten nauwgezet in de gaten om waar nodig en waar mogelijk kredietverlening aan bedrijven te kunnen faciliteren en ondersteunen. Kredietverlening is van groot belang om investeringen en consumptie mogelijk te maken en draagt hierdoor bij aan de economische groei. De financiële instellingen herstellen weliswaar, maar tegelijkertijd loopt de werkloosheid nog scherp op en verslechteren de overheidsfinanciën. Onderstaande figuur geeft een beeld van deze gefaseerde doorwerking van de crisis op de economie.

Figuur 2.2 Gefaseerde doorwerking financiële crisis op de economie

Nulgroei in 2010

De meest recente ramingen van het CPB laten zien dat aan de vrije val van de economie een einde lijkt te zijn gekomen. De historisch sterke krimp van bijna 5 procent in 2009 wordt naar verwachting gevolgd door een nulgroei in 2010. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) voorspelt dat Nederland mogelijk in 2011 weer positieve groeicijfers (op jaarbasis) kan laten zien. Deze voorspellingen zijn echter met grote onzekerheid omgeven.

Sterk oplopende werkloosheid

Werkloosheid naar 8%

Door de sterke krimp in 2009 en het gebrek aan groei in 2010 neemt de werkloosheid in het komende jaar sterk toe. De werkloosheid loopt naar verwachting op van 4 procent in 2008 en 5¼ procent in 2009 naar ongeveer 8 procent van de beroepsbevolking in 2010. Dit houdt in dat meer dan 600 duizend mensen in 2010 geen werk zullen hebben. Het zal jaren duren voordat de werkloosheid is afgebouwd zelfs bij een voorspoedig herstel van de economie na 2010. Het kabinet en de sociale partners hebben een sociaal akkoord afgesloten waarin zij zich committeren aan een beleidsinzet die (langdurige) werkloosheid tegengaat en een verantwoorde loonkostenontwikkeling bevordert. Dit is nodig om snel aan te kunnen haken bij het economisch herstel, met name bij de wederopleving van de wereldhandel.

Figuur 2.3. Werkloze beroepsbevolking

En verdere verslechtering van de overheidsfinanciën

Saldo verslechterd, schuld loopt snel op

Ook de overheidsfinanciën hebben een forse tik gekregen. Het kabinet heeft het begrotingstekort laten oplopen om de gevolgen schade van de crisis op te vangen (zie 2.4). Het overschot van bijna 1 procent van het bbp in 2008 slaat om in een tekort van 4,8 procent bbp in 2009 en naar verwachting ruim 6 procent bbp in 2010. Belangrijkste oorzaken hiervan zijn aan de ene kant de lagere inkomsten door de economische krimp en aan de andere kant de opgelopen (werkloosheids) uitgaven en toegenomen rente-uitgaven door de hogere overheidsschuld.

Figuur 2.4 Begrotingssaldo

Figuur 2.5 Overheidsschuld

De overheidsschuld loopt op tot 65,7 procent bbp in 2010. Voor een deel (bijna 50 miljard euro) komt dit doordat de staat heeft ingegrepen in de financiële sector. Tegenover deze interventies staan financiële bezittingen. Hierop ontvangt de staat dividenden en renteopbrengsten. Zodra de deelnemingen weer worden verkocht en leningen worden afbetaald, daalt de overheidsschuld. De begrotingstekorten van 2009 en 2010 zijn verantwoordelijk voor een toename van de overheidsschuld met bijna 70 miljard euro. Door de hogere schuld stijgen ook de rente-uitgaven de komende jaren.

Internationale vergelijking

Economische crisis treft alle EU-lidstaten

Onderstaande grafieken tonen een dwarsdoorsnede van de EU. Zij maken inzichtelijk dat alle EU lidstaten zijn getroffen door de economische crisis. De gemiddelde economische krimp over 2009 en 2010 komt voor het eurogebied uit op 4,1 procent. Het begrotingsoverschot in 2008 heeft Nederland ruimte gegeven om de ergste klappen van de crisis op te vangen, door middel van het laten oplopen van het tekort. Andere lidstaten die reeds een tekort hadden, hebben hier minder ruimte voor gehad. In veel van deze lidstaten zijn de tekorten daardoor hoger opgelopen dan in Nederland. Ondanks de sterk stijgende werkloosheid blijft Nederland nog ruim onder het gemiddelde in het eurogebied van meer dan 11 procent van de beroepsbevolking in 2011.

Figuur 2.6 Cumulatieve economische groei 2009–2010 (% bbp)

Bron: OESO juni 2009.

Figuur 2.7 Werkloosheid 2008–2010 (%)

Bron: OESO juni 2009

Figuur 2.8. EMU-saldo 2008–2010 (% bbp)

Bron: Voorjaarsvoorspellingen, april 2009, EC.


Voor de vergelijkbaarheid is in bovenstaande figuren voor de groei en werkloosheidcijfers uitgegaan van de meest recente cijfers van de OESO en voor het EMU-saldo van de Europese Commissie. Deze kunnen afwijken van de recentste inzichten voor Nederland van het CPB. Maar er is geen reden om aan te nemen dat de verhouding tussen de landen wezenlijk verandert.


Het terugdringen van een begrotingstekort vergt forse inspanningen en kan vele jaren duren. Om herstel van gezonde overheidsfinanciën op termijn te garanderen zijn aanvullende acties nodig. De afspraken die het kabinet heeft gemaakt in het kader van de crisis houden hier dan ook rekening mee. In de volgende paragraaf wordt de kabinetsaanpak verder toegelicht.