Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Belastingplan 2011

32504 L Verslag van een schriftelijk overleg

Vergaderjaar 2010-2011

L

Vastgesteld 13 mei 2011

Tijdens de behandeling van het Belastingplan 2011 heeft de Eerste Kamer een motie Koffeman c.s. aangenomen,1 waarin de regering verzocht wordt om de duurzaamheidseffecten van elke fiscale maatregel met nadruk mee te wegen en te rapporteren aan de Kamer.
Naar aanleiding hiervan heeft de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit2 op 22 april 2011 een brief gestuurd aan de staatssecretaris van Financiën.

De staatssecretaris heeft op 13 mei 2011 gereageerd.

De commissie brengt bijgaand verslag uit van het gevoerde schriftelijk overleg.

De griffier van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
Warmolt de Boer

BRIEF AAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Den Haag, 22 april 2011

Tijdens de behandeling van het Belastingplan 2011 heeft de Eerste Kamer een motie Koffeman c.s. aangenomen, waarin de regering verzocht wordt om de duurzaamheidseffecten van elke fiscale maatregel met nadruk mee te wegen en te rapporteren aan de Kamer.

Met deze brief wil de commissie deze motie nogmaals onder de aandacht van de regering brengen. Ook vragen de leden van de commissie zich af wat de stand van zaken is met betrekking tot de uitvoering van deze motie.

Kunt u een overzicht geven van belastingmaatregelen welke genomen zijn na het aannemen van de motie, wat daarvan de duurzaamheidseffecten zijn en op welke wijze de regering de duurzaamheidseffecten gerapporteerd heeft aan de Staten Generaal?

De leden van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit zien uw reactie met belangstelling tegemoet.

De Voorzitter van de vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
E. Schuurman

BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 mei 2011

De vaste commissie voor Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft mij gevraagd de stand van zaken te schetsen rondom de uitvoering van de motie Koffeman c.s. over het meewegen van duurzaamheidseffecten van fiscale maatregelen. Tevens is verzocht om een overzicht te geven van belastingmaatregelen die genomen zijn na het aannemen van de motie, wat daarvan de duurzaamheidseffecten zijn en op welke wijze de regering de duurzaamheidseffecten gerapporteerd heeft aan de Staten-Generaal.

Het kabinet zal de motie uitvoeren door aandacht te besteden aan de duurzaamheidseffecten in het algemene deel van de memorie van toelichting van het wetsvoorstel waarin de fiscale maatregelen zijn opgenomen.4 Dit is de plaats waar ook andere aspecten zoals de budgettaire effecten, administratieve lasten en uitvoeringskosten zijn opgenomen.

Het kabinet kiest ervoor de duurzaamheidseffecten kwalitatief weer te geven bij fiscale maatregelen die een duidelijk positief of negatief effect kunnen hebben op de duurzaamheid. De VN-commissie Brundtland heeft de volgende definitie van duurzaamheid geformuleerd:

«Duurzame ontwikkeling is ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen.»

Deze definitie is ruim, maar is in de loop der tijd uitgewerkt in een groot aantal concretere afspraken, maatregelen, praktijken en methoden. Als het gaat om de beoordeling van effecten van overheidsbeleid, is de meest concrete uitwerking de Monitor Duurzaam Nederland, die de drie planbureau’s en het CBS in 2009 hebben gepubliceerd. In de monitor van 2009 is geconstateerd dat de belangrijkste knelpunten zich voordoen op het gebied van het natuurlijk kapitaal, ook in de relatie tussen Nederland en het buitenland.

Overigens wordt ook op milieuaspecten getoetst op grond van het door het kabinet vastgestelde en aan de Kamer toegezonden Integraal Afwegingskader (IAK). Zoals aangegeven in de brief van de minister van Veiligheid en Justitie inzake dit IAK5 dient de adequate beantwoording van de vragen voldoende te blijken uit de toelichting op het voorstel zelf. Om de uitvoering van de motie Koffeman praktisch werkbaar te houden wil het kabinet fiscale maatregelen kwalitatief beoordelen conform het IAK waarbij specifiek zal worden ingegaan op de mate waarin:
  • –  de winning en het gebruik van schaarse natuurlijke hulpbronnen (in Nederland en in het buitenland) direct wordt beïnvloed,
  • –  de uitstoot van broeikasgassen en fijnstof direct wordt beïnvloed.

Indirecte effecten zoals de doorwerking van bijvoorbeeld lagere tarieven in de winstbelasting op de economische groei (tweede orde effect) en daarmee het effect op de duurzaamheid (derde orde effect) blijven hierbij vanwege de grote onzekerheidsmarge buiten beschouwing.

Overigens zijn er nog geen fiscale wetsvoorstellen ingediend na aanvaarding van de motie Koffeman op 21 december 2010. In het tweede kwartaal van 2011 worden naar verwachting drie fiscale wetsvoorstellen6 bij de Tweede kamer ingediend. Hierbij zal bovenstaande aanpak met betrekking tot de motie Koffeman gevolgd worden. Ik stel voor de resterende wetsvoorstellen, tot en met het pakket Belastingplan 2012, conform bovenstaande aanpak uit te voeren en met u bij de plenaire behandeling van het Belastingplan 2012 te discussiëren over nut en noodzaak van structurele continuering.

De staatssecretaris van Financiën,
F. H. H. Weekers

Noot 1: Kamerstukken I 2010/11, 32 500/32 505/32 401, nr. I.

Noot 2: Samenstelling:Schuurman (CU), voorzitter, Holdijk (SGP), Swenker (VVD), Doek (CDA), Terpstra (CDA), Eigeman (PvdA), Putters (PvdA), Sylvester (PvdA), Slagter-Roukema (SP), Westerveld (PvdA), Engels (D66), Willems (CDA), vicevoorzitter, Hermans (VVD), Huijbregts-Schiedon (VVD), Schaap (VVD), Peters (SP), Slager (SP), Smaling (SP), De Boer (CU), Böhler (GL), Laurier (GL), Koffeman (PvdD), Yildirim (Fractie-Yildirim), Benedictus (CDA) en Tiesinga (CDA).

Noot 4: Uitzondering hierop vormen de goedkeuringswetten voor belastingverdragen. Belastingverdragen bevatten in essentie de uitwerking van de nationale wetten bij grensoverschrijdend situaties. De nieuwe nationale wetten worden op duurzaamheid getoetst, de verdragen niet.

Noot 5: Kamerstukken I 2010/11, 32 500 VI, K.

Noot 6: Het gaat hierbij om: de Fiscale verzamelwet 2011 en de wetsvoorstellen implementatie richtlijn bijstand bij invordering en tussenregeling valutaresultaten op deelnemingen.