Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

2 De uitgaven en niet-belastingontvangsten

Tabel 2.1 Uitgaven begrotingen (in miljoenen euro)
   

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

1

De Koning

7

40

39

39

39

39

39

2A

Staten-Generaal

135

140

137

139

134

134

134

2B

Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

110

116

116

108

108

108

108

3

Algemene Zaken

71

79

69

62

61

61

61

4

Koninkrijksrelaties

608

1 042

134

125

89

89

89

5

Buitenlandse Zaken

11 136

11 144

11 792

12 585

12 759

14 392

14 733

6

Justitie

6 240

6 050

5 991

5 961

5 945

5 913

5 915

7

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

6 012

6 013

6 126

6 253

5 868

5 751

5 751

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

36 286

37 043

36 780

36 833

36 894

37 035

37 185

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

28 130

22 828

15 570

18 068

22 669

24 922

26 425

9B

Financiën

13 963

12 488

9 525

7 480

6 267

5 733

5 609

10

Defensie

8 733

8 514

8 459

8 224

8 217

8 254

8 236

11

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

1 487

1 643

1 068

906

783

713

897

12

Verkeer en Waterstaat

9 075

9 326

9 085

9 316

8 653

8 747

8 926

13

Economische Zaken

2 806

3 229

3 055

2 967

2 808

2 807

2 823

14

Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit

2 550

2 656

2 627

2 369

2 331

2 201

2 144

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

26 901

29 234

25 881

26 944

27 905

28 610

29 132

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

15 267

15 440

16 302

16 602

16 806

17 611

18 577

17

Jeugd en Gezin

6 499

6 684

6 780

6 756

6 748

6 714

6 711

18

Wonen, Wijken en Integratie

5 062

3 756

3 148

3 038

2 934

2 851

3 098

40

Sociale Verzekeringen1

103

119

220

40

0

0

0

41

Premiegefinancierde uitgaven Zorg

0

320

0

0

0

0

0

50

Gemeentefonds

17 683

18 465

18 111

17 820

17 862

17 798

17 641

51

Provinciefonds

1 329

1 458

1 143

1 086

1 090

1 072

927

55

Infrastructuurfonds

7 352

9 069

8 322

8 204

7 996

8 542

7 599

56

Fonds Economische Structuurversterking

1 724

3 337

2 723

2 174

2 310

2 479

1 445

58

Diergezondheidsfonds

15

64

9

9

9

9

9

59

BTW-compensatiefonds

2 577

2 788

2 844

2 895

2 896

2 896

2 896

63

Waddenfonds

14

34

81

41

38

39

41

64

BES-fonds

0

0

21

21

21

21

21

AP

Aanvullende posten

0

– 947

1 344

4 660

7 554

11 132

14 895

90

Consolidatie

– 9 249

– 9 609

– 9 132

– 8 758

– 8 235

– 8 452

– 7 309

HGIS

Internationale Samenwerking2

(5 984)

(5 643)

(6 029)

(6 201)

(6 141)

(6 358)

(6 566)

Totaal

 

202 623

202 559

188 369

192 965

199 558

208 220

214 758

Noot 1: De uitgaven van hoofdstuk 40 en 41 betreffen de maatregelen uit het stimuleringspakket. Deze zijn buiten het kader SZA respectievelijk BKZ geplaatst en worden daarom in bovenstaande tabel opgenomen en niet in tabellen 2.4 en 2.5.

Noot 2: In deze tabel zijn de uitgaven voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale uitgaven voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.

Tabel 2.2 Niet-belastingontvangsten (in miljoenen euro)
   

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2A

Staten-Generaal

8

3

3

3

3

3

3

2B

Overige Hoge Colleges van Staat en Kabinetten

4

4

4

4

4

4

4

3

Algemene Zaken

3

6

6

6

6

6

6

4

Koninkrijksrelaties

128

210

9

8

8

8

8

5

Buitenlandse Zaken

2 936

754

728

731

746

761

773

6

Justitie

1 314

1 037

1 137

1 255

1 293

1 276

1 220

7

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

899

382

613

44

78

417

772

8

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

2 216

2 265

2 136

2 208

2 237

2 317

2 370

9A

Nationale Schuld (Transactiebasis)

8 090

3 161

1 604

1 634

2 010

3 933

3 059

9B

Financiën

18 017

9 151

6 280

6 289

6 365

6 940

6 719

10

Defensie

467

500

457

336

318

276

246

11

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

330

682

177

96

47

39

39

12

Verkeer en Waterstaat

98

101

100

95

88

86

93

13

Economische Zaken

9 834

5 453

8 048

8 200

7 932

7 301

7 977

14

Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit

514

600

547

527

495

426

383

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

913

1 076

1 050

847

770

706

706

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

569

182

151

104

88

69

45

17

Jeugd en Gezin

140

183

170

185

190

194

194

18

Wonen, Wijken en Integratie

997

475

449

455

444

430

430

55

Infrastructuurfonds

7 476

8 697

8 322

8 204

7 996

8 542

7 599

56

Fonds Economische Structuurversterking

1 724

3 337

2 723

2 174

2 310

2 479

1 445

57

AOW-spaarfonds

4 794

5 087

5 366

5 680

6 021

6 390

6 775

58

Diergezondheidsfonds

4

56

9

9

9

9

9

63

Waddenfonds

34

5

34

34

38

39

41

AP

Aanvullende posten

0

0

7

20

37

58

80

90

Consolidatie

– 9 249

– 9 609

– 9 132

– 8 758

– 8 235

– 8 452

– 7 309

HGIS

Internationale Samenwerking1

(183)

(144)

(140)

(132)

(133)

(133)

(122)

 

Totaal

52 259

33 794

30 995

30 390

31 296

34 255

33 684

Noot 1: In deze tabel zijn de niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking toegerekend aan de begrotingen waarop deze worden verantwoord. De totale niet-belastingontvangsten voor Internationale Samenwerking zijn tussen haakjes vermeld en lopen niet mee in de totaaltelling.

In het Nederlandse begrotingsbeleid wordt bij de start van een kabinetsperiode een uitgavenkader vastgesteld. Het uitgavenkader bevat de maximale uitgaven die jaarlijks gedurende de kabinetsperiode worden gedaan. Het totaalkader is onderverdeeld in drie deelkaders: het kader Rijksbegroting in enge zin (RBG-eng), het kader Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt (SZA) en het Budgettair Kader Zorg (BKZ). De tabellen 2.3 tot en met 2.5 geven de opbouw van de actuele uitgavenramingen voor de drie verschillende deelkaders weer.

Tabel 2.3 Opbouw kader RBG-eng (in miljoenen euro)

2008

2009

2010

2011

bron

Totale uitgaven Rijksbegroting

209 381

202 623

202 559

188 369

zie tabel 2.1

Niet-belastingontvangsten Rijksbegroting

28 475

52 259

33 794

30 995

zie tabel 2.2

Netto Rijksuitgaven

180 906

150 365

168 765

157 374

 

Af: Begrotingsgefinancierde uitgaven SZA

10 776

11 107

11 660

12 726

zie tabel 2.4

Af: Begrotingsgefinancierde uitgaven BKZ

2 219

2 294

2 859

2 801

zie tabel 2.5

Af: Niet-kaderrelevante uitgaven

64 412

30 278

40 318

30 704

zie tabel 2.10

Af: Stimuleringspakket (excl. lastenkant)

0

1 287

2 714

508

 

Netto uitgaven kader RBG-eng

103 499

105 400

111 215

110 635

 
Tabel 2.4 Netto uitgaven sociale zekerheid (in miljoenen euro)
   

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

15

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

11 107

11 715

12 499

12 710

12 812

12 888

13 032

AP

Aanvullende posten

0

– 54

227

512

824

1 216

1 649

 

Netto begrotingsgefinancierde uitgaven

11 107

11 660

12 726

13 222

13 636

14 104

14 681

                 

40

Sociale Verzekeringen

47 793

49 410

49 032

50 542

52 073

54 020

55 843

 

Netto premie-uitgaven

47 793

49 410

49 032

50 542

52 073

54 020

55 843

                 
 

Netto uitgaven kader SZA

58 900

61 071

61 758

63 764

65 708

68 124

70 525

Tabel 2.5 Netto uitgaven zorg (in miljoenen euro)
   

2009

2010

2011

2012

2013

2014

2015

16

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

761

1 314

1 386

1 448

1 473

1 506

1 521

50

Gemeentefonds (WMO)

1 533

1 545

1 383

1 383

1 383

1 429

1 383

AP

Aanvullende posten

0

0

32

69

107

150

194

 

Netto begrotingsgefinancierde uitgaven

2 294

2 859

2 801

2 901

2 963

3 085

3 098

                 

41

Premiegefinancierde uitgaven Zorg

54 084

55 340

56 630

59 561

63 380

67 621

72 540

 

Netto premie-uitgaven

54 084

55 340

56 630

59 561

63 380

67 621

72 540

                 

Netto uitgaven kader Zorg

56 378

58 199

59 432

62 462

66 344

70 706

75 638

De tabellen 2.6 tot en met 2.9 tonen per budgetdisciplinesector eerst de bepaling van de reële uitgavenkaders. De reële uitgavenkaders worden bepaald door de ramingen ten tijde van het Coalitieakkoord te defleren met de raming voor de prijsontwikkeling van de Nationale Bestedingen (NB-deflator). Vervolgens wordt weergegeven hoe de actuele raming van de uitgaven zich verhoudt tot het uitgavenkader in lopende prijzen. Het uitgavenkader in lopende prijzen is te bepalen door het reële uitgavenkader te corrigeren voor de actuele raming van de deflator. Daarnaast wordt gecorrigeerd voor de overboekingen tussen de Rijksbegroting in enge zin enerzijds, en de sector Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt (SZA) en de sector Zorg anderzijds. Ook wordt gecorrigeerd voor statistische factoren. Zo is in het Aanvullend Beleidsakkoord besloten het kader te corrigeren voor de mutatie in de uitgaven aan werkloosheidsuitkeringen en de ruilvoet ten opzichte van de Miljoenennota 2009.

Tabel 2.6 Uitgaventoetsing Rijksbegroting in enge zin (in miljoenen euro, min betekent onderschrijding)
   

2008

2009

2010

2011

1.

Raming uitgaven bij Coalitieakkoord 2007

103 284

106 449

111 247

113 583

2.

pNB ten tijde van MLT 2007

1,0225

1,0432

1,0601

1,0773

3.

Reële ijklijn

101 008

102 042

104 936

105 430

4.

NB-deflator

1,0245

1,0431

1,0558

1,0754

5.

Overboekingen

89

221

497

513

6.

Statistisch

50

– 408

1 248

– 852

 

w.v. Ruilvoet

0

642

– 1 079

– 1 540

 

w.v. Overig

50

– 1 050

2 327

688

7.

Uitgavenkader RBG-eng in lopende prijzen

103 624

106 249

112 537

113 037

8.

Actuele ramingen uitgaven

103 499

105 400

111 215

110 635

9.

Over/onderschrijding kader RBG-eng (9=8–7)

– 124

– 849

– 1 322

– 2 402

Tabel 2.7 Uitgaventoetsing Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt (in miljoenen euro, min betekent onderschrijding)
   

2008

2009

2010

2011

1.

Raming uitgaven bij Coalitieakkoord 2007

54 834

56 353

57 635

59 614

2.

pNB ten tijde van MLT 2007

1,0225

1,0432

1,0601

1,0773

3.

Reële ijklijn

53 626

54 019

54 365

55 335

4.

NB-deflator

1,0245

1,0431

1,0558

1,0754

5.

Overboekingen

– 55

57

– 168

– 176

6.

Statistisch

0

2 967

3 640

2 738

 

w.v. Ruilvoet

0

764

– 363

– 1 765

 

w.v. Werkloosheidsuitgaven

0

1 566

3 296

3 450

 

w.v. Overig

0

637

707

1 053

7.

Uitgavenkader SZA in lopende prijzen

54 886

59 370

60 871

62 068

8.

Actuele ramingen uitgaven

54 493

58 900

61 071

61 757

 

wv begrotingsgefinancierd

10 776

11 107

11 661

12 726

 

wv premiegefinancierd

43 716

47 793

49 410

49 032

9.

Over/onderschrijding kader SZA (9=8–7)

– 393

– 470

200

– 310

Tabel 2.8 Uitgaventoetsing Budgettair Kader Zorg (in miljoenen euro, min betekent onderschrijding)
   

2008

2009

2010

2011

1.

Raming uitgaven bij Coalitieakkoord 2007

51 322

55 493

58 681

62 164

2.

pNB ten tijde van MLT 2007

1,0225

1,0432

1,0601

1,0773

3.

Reële ijklijn

50 191

53 196

55 352

57 701

4.

NB-deflator

1,0245

1,0431

1,0558

1,0754

5.

Overboekingen

– 34

– 278

– 329

– 338

6.

Statistisch

0

– 557

– 1 008

– 2 032

 

w.v. Ruilvoet

0

388

– 762

– 1 680

 

w.v. Overig

0

– 945

– 246

– 352

7.

Uitgavenkader BKZ in lopende prijzen

51 388

54 652

57 104

59 680

8.

Actuele ramingen uitgaven

51 798

56 378

58 199

59 432

 

wv begrotingsgefinancierd

2 219

2 294

2 859

2 801

 

wv premiegefinancierd

49 579

54 084

55 340

56 631

9.

Over/onderschrijding BKZ (9=8–7)

410

1 725

1 096

– 249

Tabel 2.9 Uitgaventoetsing totaal kader (in miljoenen euro, min betekent onderschrijding)
   

2008

2009

2010

2011

1.

Reële ijklijnen

204 825

209 257

214 654

218 466

2.

NB-deflator

1,0245

1,0431

1,0558

1,0754

3.

Overboekingen

0

0

0

0

4.

Statistisch

50

2 002

3 880

– 147

 

w.v. Ruilvoet

0

1 795

– 2 203

– 4 986

 

w.v. Werkloosheidsuitgaven

0

1 566

3 296

3 450

 

w.v. Overig

50

– 1 358

2 788

1 389

5.

Uitgaven in lopende prijzen

209 897

220 271

230 511

234 785

6.

Actuele raming uitgaven

209 790

220 678

230 485

231 824

7

Over/onderschrijding totaal uitgavenkader (7=6–5)

– 107

406

– 26

– 2 961

Tabel 2.10 Uitgaven en niet-belastingontvangsten niet relevant voor enig kader (in miljoenen euro)
 

2008

2009

2010

2011

Rentelasten1

9 599

9 085

9 905

11 339

Rijksbijdrage aan de sociale fondsen

13 906

18 363

19 708

16 159

Zorgtoeslag

3 328

4 070

3 975

4 726

BTW-compensatiefonds

2 348

2 577

2 788

2 844

Studieleningen

1 730

1 587

1 556

1 623

Gasbaten

– 10 470

– 11 013

– 7 750

– 9 900

FES-uitgaven

2 383

1 467

2 702

2 572

Kasbeheer

4 283

9 719

8 360

983

Netto verkoop staatsbezit

38 326

– 5 211

1 650

1 705

Saldorelevante deel kapitaalverstrekking ABN/FBN

0

2 160

928

302

Netto opbrengsten interventies financiële sector2

0

– 1 271

– 696

– 506

Lening VUT-fonds

300

– 600

– 120

– 200

Landbouwheffingen

– 351

– 270

– 303

– 303

Werkgeversbijdrage kinderopvang

– 659

– 684

– 677

– 692

Overig

– 312

298

– 1 707

52

Totaal netto niet-relevante uitgaven

64 412

30 278

40 318

30 704

Noot 1: De rentelasten die hier zijn gepresenteerd zijn de totale rentelasten van het Rijk. Dit is niet gelijk aan tabel 3.2: daarin staan de rentelasten van de gehele collectieve sector opgenomen.

Noot 2: Dit is exclusief de hogere rentebetalingen over de schuld als gevolg van de interventies in de financiële sector en de renteontvangsten van het overbruggingskrediet aan FBN/ABN. Beide zitten in de post «rentelasten» opgenomen.

Tabel 2.11 Kas-transverschillen (ktv) en financiële transacties (in miljoenen euro)
 

2008

2009

2010

2011

Ktv aardgas

1 870

– 2 500

600

– 200

Ktv belastingen

37

5 395

425

358

Kasbeheer

– 634

– 6 455

– 2 389

– 1 076

Verkoop staatsbezit

0

– 7 506

– 150

0

Studieleningen

– 227

– 276

– 337

– 329

Agentschaprekening en overige centrale overheid

– 221

– 21

1 400

0

Ktv's en financiële transacties inkomsten

825

– 11 363

– 450

– 1 246

         

Overige ktv's

344

2 551

879

9

Kasbeheer

– 4 917

– 16 175

– 10 748

– 2 059

Aankoop staatsbezit

– 38 326

– 2 295

– 1 800

– 1 705

Lening VUT-fonds

– 300

600

120

200

Studieleningen

– 1 960

– 1 865

– 1 903

– 1 954

Aansluiting NR 2009

266

– 393

0

0

Overig

177

– 11

641

– 112

Ktv's en financiële transacties uitgaven

– 44 716

– 17 587

– 12 812

– 5 621

         

Totaal ktv's en financiële transacties

45 541

6 224

12 361

4 375

De aardgasbaten worden met name beïnvloed door de productie van aardgas, de hoogte van de olieprijs en de euro/dollarkoers. De olieprijs is van belang, omdat de prijs van aardgas is gerelateerd aan de prijs van olie in dollars.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de aardgasbaten. De tabel laat zien dat de aardgasbaten niet alleen op kasbasis, maar ook op transactiebasis worden geregistreerd. Dit wordt gedaan omdat het EMU-saldo – volgens Europese methodiek – wordt berekend op transactiebasis, terwijl de rijksbegroting op kasbasis wordt opgesteld.1
Tabel 2.12 Aardgasbaten (in miljoenen euro)1Voor gegevens over het gasvermogen: zie Financieel Jaarverslag Rijk 2008 (TK 2008–2009, 31 924, nr. 1)
 

2008

2009

2010

2011

Olieprijs (in dollars)

96,99

61,47

76,20

75,17

Euro/dollarkoers (in dollars)

1,47

1,39

1,29

1,25

Productie (in miljard kubieke meter)

78

75

78

74

         

Kas

       

Niet-belastingontvangsten

10 480

11 000

7 750

9 900

Vennootschapsbelasting

2 200

1 850

1 450

1 650

Totaal

12 680

12 850

9 200

11 550

         

Kas-transverschil (ktv)

   

Niet-belastingontvangsten

– 1 870

2 500

– 600

200

Vennootschapsbelasting

– 150

200

50

– 100

Totaal

– 2 020

2 700

– 550

100

         

Trans

       

Niet-belastingontvangsten

12 350

8 500

8 350

9 700

Vennootschapsbelasting

2 350

1 650

1 400

1 750

Totaal

14 700

10 150

9 750

11 450

Conform het trendmatig begrotingsbeleid hebben mee- of tegenvallende aardgasbaten geen effect op uitgaven of lasten, maar leiden ertoe dat het begrotingssaldo (EMU-saldo en EMU-schuld) verbetert dan wel verslechtert.

Tabel 2.13 Garantieoverzicht uitstaand risico (in duizenden euro); regelingen groter dan 100 miljoen euro
 

Risico Ultimo

Verwacht te verlenen

Verwacht te vervallen

Risico Ultimo

Verwacht te verlenen

Verwacht te vervallen

Risico Ultimo

Hoofdstuk

 

Omschrijving

2009

2010

2010

2010

2011

2011

2011

Garantie op kredieten

V

4

Garanties IS-NIO

315 834

0

42 279

273 555

0

35 832

237 723

VII

2

Politiegaranties

1 170 975

329 025

0

1 500 000

700 000

0

2 200 000

VIII

4

St. ROC van Amsterdam

41 396

63 924

0

105 320

0

0

105 320

VIII

6

Hogeschool van Amsterdam

138 000

52 000

0

190 000

0

0

190 000

VIII

7

Rijksuniversiteit Utrecht

50 000

154 250

0

204 250

0

0

204 250

VIII

7

Universiteit Twente

0

150 000

0

150 000

0

0

150 000

VIII

14

Achterborgovereenkomst

141 171

12 166

11 000

142 337

20 000

12 000

150 337

IXB

4

Stabiliteitsmechanisme EU (EFSM)

0

2 946 000

0

2 946 000

0

0

2 946 000

IXB

4

Stabiliteitsmechanisme SPV (EFSF)

0

25 872 000

0

25 872 000

0

0

25 872 000

IXB

4

Kredieten EU-betalingsbalanssteun aan lidstaten

1 225 000

1 232 500

0

2 457 500

0

0

2 457 500

IXB

7

Vorderingen plafond RVOB

0

207 000

0

207 000

0

0

207 000

XIII

3

Groeifinancieringsfaciliteit

286 792

1 678 607

0

1 965 399

170 000

0

2 135 399

XIII

3

Borgstelling scheepsbouw

0

1 000 000

0

1 000 000

1 000 000

0

2 000 000

XIII

3

BBMKB

1 957 171

765 000

400 000

2 322 171

765 000

400 000

2 687 171

XIII

4

COVA

1 001 000

324 000

0

1 325 000

0

0

1 325 000

XIV

21

Regeling garantstelling landbouw en werkkapitaal

540 175

50 000

80 000

510 175

45 000

75 000

480 175

XIV

23

Garantie voor natuurgebieden en landschappen

412 887

52 323

12 792

452 418

34 497

13 776

473 139

XVI

42

Inrichtingen voor de gezondheidszorg

752 279

0

58 601

693 678

0

57 550

636 128

XVI

42

Voorzieningen voor gehandicapten

221 704

0

15 524

206 180

0

14 445

191 735

XVI

42

Achterborgstelling Stichting Waarborgfonds

8 071 200

0

0

8 071 200

0

0

8 071 200

Infrafonds

13

Prorail

1 104 753

0

724 384

380 369

0

0

380 369

   

Overig

1 179 129

458 580

233 398

1 404 311

113 445

119 399

1 398 357

   

Totaal

18 609 466

35 347 375

1 577 978

52 378 863

2 847 942

728 002

54 498 803

                   

Garantie op deelnemingen

V

4

Garanties IS-Raad van Europa

119 338

0

0

119 338

0

0

119 338

V

4

Garanties Regionale Ontwikkelingsbanken

774 265

1 174 589

0

1 948 854

0

0

1 948 854

IXB

3

Garantie en vrijwaring inzake verkoop van deelnemingen

1 197 733

0

0

1 197 733

0

0

1 197 733

IXB

4

EIB

9 895 547

0

0

9 895 547

0

0

9 895 547

IXB

4

Wereldbank

2 789 192

0

0

2 789 192

0

0

2 789 192

IXB

4

EBRD

365 800

0

0

365 800

225 600

0

591 400

   

Overig

24 403

0

0

24 403

0

0

24 403

   

Totaal

15 166 278

1 174 589

0

16 340 867

225 600

0

16 566 467

                   

Garantie op moeilijk/niet te verzekeren risico's

VIII

14

Indemniteitsregeling

249 000

51 000

0

300 000

0

0

300 000

IXB

2

WAKO (kernongevallen)

14 023 000

0

0

14 023 000

0

0

14 023 000

IXB

3

Deelneming Fortis/ABN AMRO (CRI)

32 611 091

0

0

32 611 091

0

0

32 611 091

IXB

3

Deelneming Fortis/ABN AMRO (Counter Indemnity)

0

950 000

0

950 000

0

0

950 000

IXB

5

Atradius – Exportkredietverzekering

12 316 461

11 332 276

11 332 276

12 316 461

11 332 276

11 332 276

12 316 461

IXB

5

Atradius – Regeling Herverz. Invest.

263 000

453 780

453 780

263 000

453 780

453 780

263 000

   

Overig

142 222

1 637 514

1 650 659

129 077

153 647

150 983

131 741

   

Totaal

59 604 774

14 424 570

13 436 715

60 592 629

11 939 703

11 937 039

60 595 293

                   

Overige garanties (o.a. liquiditeits- of exploitatiegarantie)

VIII

7

Bouwleningen academische ziekenhuizen

310 546

0

14 797

295 749

0

14 411

281 338

IXB

2

Garantie interbancaire leningen NIBC

6 403 740

0

0

6 403 740

0

0

6 403 740

IXB

2

Garantie interbancaire leningen Leaseplan

6 485 116

0

0

6 485 116

0

0

6 485 116

IXB

2

Garantie interbancaire leningen ING

10 904 714

0

0

10 904 714

0

0

10 904 714

IXB

2

Garantie interbancaire leningen FBN (holding)

15 602 903

0

0

15 602 903

0

0

15 602 903

IXB

2

Garantie interbancaire leningen Achmea

2 165 512

0

0

2 165 512

0

0

2 165 512

IXB

2

Garantie interbancaire leningen SNS Bank

5 538 884

0

0

5 538 884

0

0

5 538 884

IXB

4

DNB – deelneming in kapitaal IMF

23 376 263

4 422 558

0

27 798 821

2 460 000

0

30 258 821

   

Overig

142 528

200

33 071

109 657

200

2 330

107 527

   

Totaal

70 930 206

4 422 758

47 868

75 305 096

2 460 200

16 741

77 748 555

                   
   

Totaal Garanties

164 310 724

55 369 292

15 062 561

204 617 455

17 473 445

12 681 782

209 409 118

   

Bruto Binnenlands Product (bbp, in miljarden euro)

572

   

593

   

615

   

Totaal Garanties in percentage bbp

28,7

   

34,5

   

34,1

Definitie garanties

Een garantie wordt omschreven als een voorwaardelijke financiële verplichting van het Rijk aan een derde buiten het Rijk, die pas tot uitbetaling komt als zich bij de wederpartij een bepaalde omstandigheid (realisatie van een risico) voordoet.

Garantiebeleid

In de begrotingregels is vastgelegd dat ten aanzien van nieuwe garanties een «Nee, tenzij beleid» van kracht is. Reden hiervoor is dat het afgeven van garanties risico’s met zich meebrengt voor de beheersbaarheid van de overheidsuitgaven (zie tevens box 3.2 in hoofdstuk 3). Garanties worden alleen verstrekt als het Rijk vanuit een publiek belang bereidt is risico’s te dragen die niet door de markt gedragen kunnen worden. Een andere reden voor het verstrekken van garanties is het vergroten van doelmatigheid door garantieverstrekking. Wanneer zich schades voordoen bij garanties, zijn deze voor de rekening van het departement war de garantstelling onder valt. Ook is in de begrotingsregels vastgelegd dat wanneer op voorhand de inschatting is dat zich regelmatig schades zullen voordoen – en de omvang daarvan redelijk is in te schatten – het in de rede ligt dat het betreffende departement een reservering treft in de vorm van een jaarlijks te betalen premie.

Soorten garanties

Kredietgarantie: garantie op rente- en aflossingsverplichtingen(risico gemaximeerd voor totaalbedrag). (Her-)verzekering: garantie op moeilijk/ niet te verzekeren risico’s (risico gemaximeerd per gebeurtenis).

Garantie voor deelnemingen: garantie op vol- of bijstorten aandelenkapitaal (risico gemaximeerd voor totaalbedrag).

Overig, exploitatiegarantie: garantie op minimum van exploitatieniveau (risico gemaximeerd per jaar). Overig, liquiditeitsgarantie: garantie minimum van liquiditeitsniveau (risico gemaximeerd voor totaalbedrag).

Tabel 2.14 Uitgaven en ontvangsten op de door de staat verstrekte garanties (x 1 000 euro)
   

Uitgaven

Ontvangsten

Uitgaven

Ontvangsten

Saldo

Uitgaven

Ontvangsten

Saldo

Hoofdstuk

Departement

2009

2009

2010

2010

2010

2011

2011

2011

 

IV

Koninkrijksrelaties

   

0

0

0

0

0

0

V

Buitenlandse Zaken

   

6 000

0

– 6 000

6 000

0

– 6 000

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

   

0

0

0

0

0

0

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

   

0

0

0

0

0

0

IXB

Financien

   

162 750

710 413

547 663

122 250

498 421

376 171

XI

Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

   

0

0

0

0

0

0

XVIII

Wonen, Wijken en Integratie

   

0

0

0

0

0

0

XII

Verkeer en Waterstaat

   

0

0

0

0

0

0

XIII

Economische Zaken

   

165 988

144 866

– 21 122

108 377

103 230

– 5 147

XIV

Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

   

10 000

2 300

– 7 700

10 000

1 400

– 8 600

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

   

450

120

– 330

400

0

– 400

A

Infrastructuurfonds

   

0

0

0

0

0

0

 
 

Totaal generaal

   

345 188

857 699

512 511

247 027

603 051

356 024

Uitgaven

Betreffen schade-uitkeringen op afgegeven garanties

Ontvangsten

Betreffen zowel ontvangen premies of provisies e.d. als op derden verhaalde ( schade) uitkeringen.