Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

1. LEESWIJZER

De leeswijzer gaat in op de volgende onderwerpen:

  • 1.  Begrotingsstructuur;
  • 2.  Prestatiegegevens;
  • 3.  Groeiparagraaf;
  • 4.  Verwerking motie Schouw.

1. Begrotingsstructuur

Nieuwe begrotingsindeling

Dit is de eerste geïntegreerde begroting van het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I). In januari 2011 zijn via de Incidentele Suppletoire Begroting (TK, 32 609 XIII, nr. 1) de begrotingen van de voormalige ministeries van EZ en LNV samengebracht op één begrotingshoofdstuk. In het verdiepingshoofdstuk is een was/wordt-tabel opgenomen die de aansluiting geeft tussen de oude begrotingsindeling en de nieuwe indeling

In de brief van de Minister van EL&I van 6 juni 2011 (TK, 31 865, nr. 32) is de Kamer geïnformeerd over de nieuwe begrotingsindeling. Zoals toegezegd in deze brief worden in de begroting 2012 door EL&I de eerste stappen gezet in het kader van de nieuwe rijksbrede begrotingspresentatie «Verantwoord begroten».

De begroting bestaat uit acht nieuwe beleidsartikelen (artikelen 11 t/m 18), die de beleidsdoelen van het Ministerie van EL&I weerspiegelen en uit twee niet-beleidsartikelen (artikelen 40 en 41).

Beleidsagenda

De beleidsagenda bestaat uit twee delen: een algemeen visie-deel en een meer operationeel deel met de vier actielijnen van EL&I en daarbinnen de belangrijkste resultaten in 2012.

De vier actielijnen zijn als volgt:

  • –  Nederland internationaal sterk positioneren: inzetten op de top;
  • –  Ruimte bieden aan ondernemerschap en innovatie;
  • –  Duurzame welvaart bevorderen, met oog voor mens en natuur;
  • –  Werken aan een toekomstbestendige landbouwproductie en energievoorziening.

Voorts bevat de beleidsagenda een overzichtstabel die inzicht geeft in de Rijksmiddelen die worden ingezet voor de negen Topsectoren en is een overzicht opgenomen met de meerjarige programmering van beleidsdoorlichtingen. Tenslotte is in de beleidsagenda het financieel kader voor EL&I weergegeven. Hierin staan de belangrijkste budgettaire mutaties vermeld vanaf Voorjaarsnota 2011, waaronder de invulling van de subsidietaakstelling voor oud-EZ, onder andere uit het Regeerakkoord.

Beleidsartikelen

Aansluitend op de beleidsagenda volgt de toelichtingen op de beleidsartikelen. Per beleidsartikel is een algemene doelstelling opgenomen. De algemene doelstellingen zijn vertaald in operationele doelen met daaronder de instrumenteninzet. Alleen de beleidsartikelen 13 (Een excellentondernemingsklimaat) en 17 (Groen onderwijs van hoge kwaliteit) hebben geen onderverdeling naar operationele doelen. De instrumenten worden toegelicht en voorzien van de voornaamste acties in 2012, waarmee de actielijnen uit de beleidsagenda nader worden uitgewerkt.

BES-eilanden

De eilanden Bonaire, St. Eustatius en Saba (Caribisch Nederland) zijn sinds de opheffing van de Nederlandse Antillen per 10 oktober 2010 als openbaar lichaam onderdeel van het Nederlandse staatsbestel. De Minister van EL&I is op zijn terrein verantwoordelijk voor de beleidsvorming en de wet- en regelgeving op Caribisch Nederland, evenals voor de uitvoering en handhaving daarvan.

De uitgaven voor Caribisch Nederland liggen onder meer op het terrein van energie, waaronder duurzame energieopwekking, telecommunicatie en post, natuurbehoud, ondernemerschap, toerisme, metrologie en statistische informatievoorziening. Deze worden verantwoord in de desbetreffende begrotingsartikelen.

2. Prestatiegegevens

In de beleidsartikelen wordt onder de algemene doelstelling aangegeven waar de Minister van EL&I voor verantwoordelijk is. Indien voor deze doelstellingen een directe relatie gelegd kan worden tussen het gevoerde beleid en de gewenste (maatschappelijke) uitkomst, zijn «outcome» gerichte, prestatie-indicatoren opgenomen. Bij de doelstellingen waarbij EL&I een belangrijkde bijdrage kan leveren door de juiste randvoorwaarden te creëren en het resultaat afhankelijk is van externe factoren is het niet of beperkt mogelijk om «outcome» gerichte, prestatie-indicatoren op te nemen en moet worden volstaan met algemene kengetallen over ontwikkelingen op het betreffende beleidsterrein. Daarnaast zijn prestatie-indicatoren opgenomen op instrument/-activiteitenniveau, die inzicht geven in het bereiken van specifieke resultaten.

Voor de volgende operationele doelstellingen is het niet mogelijk gebleken om meer specifieke prestatie-indicatoren op te nemen, naast de meer algemene kengetallen onder de algemene doelstelling:

  • •  Operationele doelstelling 14.2: De voorzieningszekerheid betreft de lange termijn beschikbaarheid van energiebronnen. EL&I creëert de randvoorwaarden om de eigen bodemschatten optimaal te benutten en biedt ondersteuning bij het totstandbrengen van zakelijke transacties met de energieproducerende landen. De uiteindelijke realisatie van deze operationele doelstelling is van een veelheid van factoren afhankelijk.
  • •  Operationele doelstelling 15.1, 15.2 en 15.3: EL&I is verantwoordelijk voor het beleid dat het vrijmaken van het internationale handels- en investeringsverkeer beoogt, de internationale economische rechtsorde en de Europese beleidskaders bevordert en het Nederlandse bedrijfsleven ondersteunt, door middel van economische diplomatie. Door middel van contacten met het bedrijfsleven en contacten en onderhandelingen met overheidspartijen in binnen- en buitenland schept EL&I de basis voor gunstige en concurrerende voorwaarden voor internationaal ondernemen en lost EL&I daar waar nodig knelpunten voor het bedrijfsleven op. De uiteindelijke realisatie van deze operationele doelstellingen is van een veelheid van factoren afhankelijk (geopolitieke factoren, WTO-onderhandelingen, EU-onderhandelingen et cetera). Ook is geen sprake van concrete instrumenten.
  • •  Operationele doelstelling 16.5: De mogelijkheden voor kwantitatieve effectmeting van de bijdrage van EL&I aan het thema voedelzekerheid is beperkt. Voedselzekerheid speelt zich af in een internationale context waarin veel spelers en factoren van invloed zijn op de uiteindelijke doelbereiking.
  • •  Operationele doelstelling 18.4: Rijk en Provincies spreken over een nieuwe bestuursakkoord om invulling te geven aan de in het Regeerakkoord voorgenomen herijking van de EHS en verdere decentralisatie van het natuurbeleid. In deze operationele doelstelling zijn de voorgenomen te decentraliseren middelen per 1 januari 2012 weergegeven.

3. Groeiparagraaf

Op 20 april 2011 is de Tweede Kamer akkoord gegaan met een aanpassing van de presentatie van de Rijksbegroting onder de naam «Verantwoord Begroten» (TK, 31 865, nr. 26). De nieuwe presentatie moet leiden tot meer inzicht in financiële informatie, de rol en verantwoordelijkheid van de minister en moet een duidelijke splitsing tussen apparaat en programma laten zien.

De meeste veranderingen zullen pas in de begroting 2013 worden doorgevoerd. In 2012 geldt dit echter al voor een paar maatregelen.

  • •  De begroting bevat een centraal apparaatsartikel waarop alle apparaatsuitgaven van het kerndepartement bij elkaar staan. Dit is artikel 40 van deze begroting.
  • •  In de beleidsagenda is aan het eind een totaaloverzicht opgenomen van de beleidsdoorlichtingen.
  • •  Als extra nieuwe internetbijlage is een subsidieoverzicht opgenomen.
  • •  Daarnaast zijn in deze begroting ook de artikelen 13 en 17 ingevuld volgens de nieuwe voorschriften, waarmee deze artikelen als proefmodel fungeren voor de nieuwe begrotingspresentatie die in 2013 integraal zijn intrede doet.

De volgende twee toezeggingen van de Minister van EL&I tijdens het Wetgevingsoverleg Jaarverslag «Economie en innovatie» van 8 juni 2011 zijn eveneens in deze begroting verwerkt:

  • •  Van alle EL&I subsidieregelingen is in het subsidie-overzicht het evaluatiemoment opgenomen, zodat duidelijk door de Kamer gevolgd kan worden of elke subsidie tijdig en periodiek wordt geëvalueerd. Het subsidieoverzicht is toegevoegd als (internet)bijlage.
  • •  In de begroting 2012 is een overzicht opgenomen met de subsidietaakstelling per regeling voor de komende jaren. Dit overzicht is opgenomen in het financieel kader van de beleidsagenda.

4. Verwerking motie Schouw

De motie Schouw c.s. (TK, 21 501-20, nr. 537) verzoekt de regering de landenspecifieke aanbevelingen van de Europese Commissie voor Nederland een eigenstandige plaats te geven in de departementale begrotingen, zodat duidelijk is hoe met de aanbevelingen wordt omgegaan. De voor het beleidsterrein van het Ministerie van EL&I meest relevante aanbeveling is de volgende:

  • •  Innovatie, particuliere investeringen in Onderzoek & Ontwikkeling en nauwere banden tussen wetenschap en bedrijfsleven bevorderen door het geven van de juiste prikkels in het kader van het nieuwe bedrijfslevenbeleid («Naar de top»).

Deze aanbeveling heeft een plaats gekregen in artikel 12 (Een sterk innovatievermogen) van deze begroting.