Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

11 Goed functionerende economie en markten

Algemene doelstelling

Voorwaarden voor een goed functionerende economie en markten, waaronder de markt voor elektronische communicatie.

Rol en Verantwoordelijkheid

Goed functionerende markten dragen in belangrijke mate bij aan de economische groei. In een goed functionerende markt reageren vraag en aanbod effectief op elkaar. Zowel consumenten als bedrijven profiteren daarvan. Op goed functionerende markten ontstaat een optimale prijs-kwaliteitverhouding van goederen en diensten en hebben gebruikers voldoende keuzevrijheid. Daarnaast stimuleren goed werkende markten innovatie. Bedrijven worden in een gezonde concurrerende omgeving aangezet om de beste prijs-kwaliteitverhouding te bieden aan hun klanten.

EL&I ziet het als haar taak eventuele belemmeringen voor het goed functioneren van economie en markten te verminderen of weg te nemen. EL&I bevordert het goed functioneren van markten door het scheppen van randvoorwaarden. EL&I waarborgt gezonde concurrentieverhoudingen op alle markten met behulp van de Mededingingswet en schept de voorwaarden waarbinnen concurrentie kan plaatsvinden met de Waarborgwet, de Winkeltijdenwet en de Metrologiewet.

Daarnaast draagt EL&I bij aan een goede balans tussen de belangen van bedrijven en consumenten met generiek consumentenbeleid. Dit richt zich op het behouden en versterken van de positie van de consument door handhaving van collectieve inbreuken op wettelijke regels en het verminderen van informatieassymetrie.

Vanwege het specifieke karakter en het maatschappelijke en economische belang is in de markt voor telecommunicatie en post separaat beleid noodzakelijk om tot een optimale marktordening te kunnen komen. In deze markt zijn separate (wettelijke) kaders opgesteld die de veiligheid, betrouwbaarheid, toegankelijkheid en transparantie borgen. Door te voorzien in de maatschappelijke behoefte aan statistieken door het CBS ondersteunt de minister van EL&I het beleid ter bevordering van de efficiënte werking van markten.

Kengetallen

Kengetal

2006

2007

2008

2009

2010

Ambitie 2011

Index of Economic Freedom

           

Nederland

75,4

75,5

77,4

77

75

>70

Europees gemiddelde

66,2

66,3

66,8

66,3

66,8

 

Bron: www.heritage.org/Index/

De Index of Economic Freedom geeft een indicatie hoe het met de economische vrijheid in een land is gesteld. Economische vrijheid wordt gemeten in 10 categorieën die uiteenlopen van de bescherming van eigendomsrechten en de aanwezigheid van corruptie tot het vrije verkeer van goederen, diensten, arbeid en kapitaal. De economische vrijheid in Nederland is hoog. De Nederlandse score ligt ruim boven het Europees gemiddelde.

Markt en consumenten prestaties Nederland; kengetallen

Kengetallen

EU 27 (2010)

NL (2010)

Ambitie

1. Percentage consumenten dat zich voldoende beschermd acht

57%

69%

Voor al deze kengetallen geldt dat de ambitie is om boven het EU gemiddelde te blijven.

2. Percentage consumenten dat verkopers/ providers vertrouwt

65%

77%

 

3. Percentage dat bij verkopers heeft geklaagd

13%

12%

 

4. Percentage consumenten tevreden met klachtafhandeling

52%

56%

 

5. Percentage consumenten dat het makkelijk vindt om via zelfregulering geschillen op te lossen

48%

51%

 

6. Consumentenomgevingindex

61

66

 

Bron: Europees Scoreboard Consumentenmarkten

Toelichting

In de internationale vergelijking op een aantal issues die raken aan het vertrouwen van consumenten, scoort Nederland relatief hoog. De Omgevingsindex geeft een samengesteld beeld op verschillende indicatoren die te maken hebben met het consumentenvertrouwen.

Kengetal

2008

2009

2010

2011

Ambitie

1. Concurrentie markt mobiele telefonie (HHI-index)

Bron: TNO

3 763

3 874

3 874

n.n.b.

dalend

2. Percentage van de Nederlandse huishoudens dat toegang heeft tot breedbandinternet met een snelheid hoger dan 30 Mbs, cq. 100 Mbs

Bron: OPTA

   

30 Mbs: n.n.b.

100 Mbs: n.n.b.

30 Mbs: n.n.b.

100 Mbs: n.n.b.

30 Mbs: 100%

100 Mbs: stijgend

3. Percentage van de Nederlandse huishoudens dat daadwerkelijk gebruik maakt van breedbandinternet met een snelheid hoger dan 30 Mbs, cq 100 Mbs

Bron: OPTA

   

30 Mbs: n.n.b.

100 Mbs: n.n.b.

30 Mbs: n.n.b.

100 Mbs:

n.n.b.

30 Mbs: stijgend

100 Mbs: 50%

Toelichting

  • 1.  De Herfindahl Hirschman Index (HHI) geeft een indicatie van de marktconcentratie, die afhankelijk is van enerzijds het aantal partijen in de markt (hoe meer partijen, des te lager de HHI) en anderzijds de marktaandelen van deze partijen (hoe groter het marktaandeel van de marktleiders, des te hoger de HHI). Bij dalingen van de HHI kan dus gesproken worden van toegenomen concurrentie. De betreffende HHI kijkt alleen naar de markt op netwerkniveau, dat wil zeggen dat het alleen naar de marktaandelen kijkt van partijen met een eigen netwerk. In de markt voor mobiele telefonie zijn echter ook partijen aanwezig die zelf diensten aanbieden, maar dat doen via de netwerken van de drie grote aanbieders. Het streven is dat door uitgifte van frequenties voor nieuwe mobiele toepassingen ook nieuwe partijen de markt kunnen betreden. Daardoor zou de HHI-waarde moeten dalen.
  • 2.  Nederland staat al jaren in de top 3 van landen met een goed (vast) breedbandnetwerk. Het streven in de Europese Digitale Agenda dat rond 2020 iedere Europeaan toegang moet hebben tot ten minste een verbinding van 30 Megabit per seconde (Mbs) is dan ook niet de grootste uitdaging voor Nederland. Interessant is om te zien of er in Nederland ook steeds meer supersnel breedband beschikbaar komt (vanaf 100 Mbs). Beleid voor vaste en mobiele infrastructuren faciliteert deze ontwikkelingen.
  • 3.  Tevens is van belang dat de beschikbare snelheden van de netwerken ook daadwerkelijk gebruikt worden. Snelle netwerken maken nieuwe innovatieve diensten – bijvoorbeeld teleconferencing, zorg op afstand en omroepdiensten – mogelijk. En deze diensten zorgen voor meer economische groei. In de breedbandmonitor zal daarom zowel de beschikbaarheid als het gebruik van breedband gevolgd worden.

Omdat de kengetallen bij punt 2 en 3 nieuw zijn, is het op dit moment nog niet mogelijk om een meerjarige reeks weer te geven. De gegevens voor 2010 zijn naar verwachting begin 2012 beschikbaar.

Budgettaire gevolgen van beleid

Bedragen x € 1 mln

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

VERPLICHTINGEN

233

245

229

212

194

190

187

UITGAVEN

233

246

232

214

195

190

188

               

Programma-uitgaven

221

232

221

204

185

180

178

11.1 Optimale marktordening en mededinging bevorderen

23

28

28

27

26

26

26

11.3 Goede en betrouwbare netwerken en markten voor telecommunicatie- en post

6

14

12

11

10

11

11

11.4 Voorzien in maatschappelijk

behoefte aan statistieken

192

190

181

166

149

143

141

               

Bijdragen baten-lastendiensten

12

13

11

11

10

10

10

Toezicht Agentschap Telecom

6

6

6

6

5

5

5

Agentschap Telecom

6

7

5

5

5

5

5

               

ONTVANGSTEN

60

62

55

31

31

31

31

Ontvangsten NMa

10

5

         

High Trust

22

31

31

31

31

31

31

Diverse ontvangsten

27

26

24

       

Budgettair belang fiscale maatregelen

Bedragen x € 1 mln.

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

Post

207

194

191

187

184

180

177

Budgetflexibiliteit

Een belangrijk deel van de budgetten op artikel 11 zijn bijdragen aan (internationale) organisaties (92% ofwel € 214 mln). Een klein deel van dit bedrag (€ 2,5 mln) betreft de jaarlijkse contributies aan een aantal Europese en VN-organisaties op het gebied van telecommunicatie en post waarvan de Staat der Nederlanden lid is en die worden gefinancierd uit HGIS middelen. Voor een groter deel betreft het de uitvoering van wettelijke taken door organisaties als Agentschap Telecom, OPTA en NMi, maar ook incidentele taken als veilingen, juridische taken als behandeling van bezwaar en beroep en algemene ondersteuning bij beleidsvoorbereiding en evaluatie. De flexibiliteit in deze budgetten is derhalve gering.

Het overige deel van het budget (8% ofwel € 18 mln) betreft in de eerste jaren vooral betalingen op eerder aangegane verplichtingen, onder meer voor kosten ter voorbereiding van de uitgifte van frequenties, het bevorderen van de elektronische overheid ten behoeve van het terugdringen van administratieve lasten en onderzoek ten behoeve van beleidsvoorbereiding en -evaluatie. De flexibiliteit voor dit deel neemt derhalve op de middellange en lange termijn toe.

Operationele doelstelling 11.1

Optimale marktordening en mededinging bevorderen

Motivering

EL&I zorgt met de inzet van marktordeningsinstrumenten voor borging van publieke belangen. Daarbij wordt gezocht naar een resultaatgerichte rolverdeling tussen ingrijpen van de overheid en het overlaten aan de markt. Door middel van wetgeving worden voorwaarden bepaald waarbinnen concurrentie kan plaatsvinden en wordt geregeld op welke wijze overheidsopdrachten voor concurrentie worden opengesteld.

Financieel overzicht instrumentarium

Bedragen x € 1 mln

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

11.1 Optimale marktordening en mededinging bevorderen

23,2

28,4

27,7

27,2

26,5

26,1

26,0

               

Bijdrage Metrologie

14,1

15,3

14,7

14,5

14,1

13,9

13,9

Raad Deskundige Nationale Meetstandaarden

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

PIANOo Programma

2,6

7,3

7,3

6,9

6,9

6,9

6,5

Markt en Overheid

 

0,5

0,7

0,9

0,9

0,9

0,9

NMa / Dte

0,6

1,0

0,5

0,8

0,4

0,4

0,4

Bijdrage Nederlands Normalisatie Instituut

2,2

1,2

1,1

1,1

1,1

1,0

1,2

Raad voor Accreditatie

0,2

0,2

0,2

0,2

0,3

0,1

0,2

Prijzenwet

0,6

0,2

         

Onderzoek en opdrachten

2,9

2,8

3,0

2,7

2,7

2,8

2,8

Instrumenten en activiteiten

Mededingingsbeleid (Mededingingswet en de NMa)

Doel en beschrijving:

De Mededingingswet is de wettelijke verankering van het streven naar optimale concurrentie. De wet verbiedt het maken van concurrentiebeperkende afspraken tussen bedrijven en het misbruik maken van een economische machtspositie door een individueel bedrijf. Daarnaast geeft zij de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) de bevoegdheid fusies boven een bepaalde omzetdrempel te beoordelen op hun gevolgen voor de mededinging op specifieke markten.

De uitvoering van de Mededingingswet is opgedragen aan de NMa. De NMa handhaaft het verbod op kartels en op misbruik van een economische machtspositie en toetst eveneens fusies en overnames. Naast het toezicht op de Mededingingswet is de NMa ook belast met de uitvoering van het toezicht op een aantal sectorspecifieke wetten: de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet op het gebied van energie (zie artikel 14) en een aantal wetten op het gebied van vervoer die vallen onder de beleidsverantwoordelijkheid van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Voornaamste acties in 2012:

  • •  Bij de Tweede Kamer indienen van de wet die per 1 januari 2013 de instelling regelt van de nieuwe toezichthouder, waarmee drie huidige toezichthouders worden samengevoegd (NMa, Opta en Consumentenautoriteit). Waar mogelijk binnen het bestaande wettelijk kader, wordt in 2012 de feitelijke samenvoeging gerealiseerd. Prioriteit daarbij heeft het samenvoegen van de backoffices van ConsuWijzer en de bedrijfsvoering.
  • •  Parallel aan de instellingswet wordt een wetsvoorstel uitgewerkt met materiële aanpassingen en stroomlijning van de taken van de drie toezichthouders. De aanpassingen leiden tot een budgettaire besparing en tot een vermindering van de lasten voor het bedrijfsleven. Bij deze aanpassing worden waar mogelijk en opportuun de aanbevelingen uit de evaluaties van de toezichthouders en de Elektriciteitswet 1998 en Gaswet uit de afgelopen jaren meegenomen. Tevens wordt bezien of de introductie van strafrechtelijke handhaving van de Mededingingswet daarin een plaats krijgt.
  • •  Bij het samenvoegen van de toezichthouders zal ook het vergemakkelijken van de informatie-uitwisseling met andere toezichthouders wettelijk worden geregeld.
  • •  Gestreefd wordt naar inwerkingtreding van de wet tot aanpassing van de Mededingingswet ter invoering van gedragsregels voor de overheid. Deze gedragsregels hebben tot doel voorwaarden te stellen waaronder de overheid kan concurreren met het bedrijfsleven, waarmee een gelijk speelveld wordt bevorderd en overheden bij commerciële activiteiten niet langer oneigenlijk gebruik kunnen maken van overheidsmiddelen. Daarnaast wordt een handreiking bij de wet opgesteld. Deze handreiking is een hulpmiddel bij de toepasbaarheid van de wet. Vanaf dat moment zal de NMa toezicht houden op de gedragsregels voor de overheid.

Aanbestedingsbeleid

Doel en beschrijving:

Het doel van het aanbestedingsbeleid is erop gericht dat de overheid op een transparante en effectieve manier inkoopt tegen de beste prijs-kwaliteitverhouding, waarbij ondernemers een goede en eerlijke kans maken op een opdracht. Het wetvoorstel Aanbestedingswet beoogt een eenduidig en helder regelgevend kader te schetsen van de voorwaarden waaronder aanbestedende diensten hun opdrachten voor concurrentie moeten openstellen. Daarnaast wordt ingezet op verdere professionalisering van aanbestedende diensten met behulp van PIANOo, het expertisecentrum voor aanbesteden.

TenderNed levert een belangrijke bijdrage aan de professionalisering van de overheidsinkoop en leidt daarnaast tot vermindering van de administratieve lasten voor potentiële opdrachtnemers uit het bedrijfsleven. Ondernemers kunnen op één centrale plaats alle openbare (overheids)opdrachten vinden. Na inwerkingtreding van het wetsvoorstel voor een nieuwe Aanbestedingswet zullen aanbestedende diensten verplicht worden TenderNed te gebruiken.

Voorts streeft Nederland ernaar dat ook op Europees niveau wordt gekomen tot vereenvoudiging en modernisering van de Europese aanbestedingsregels.

Voornaamste acties in 2012:

  • –  Het streven is het Wetsvoorstel voor een nieuwe Aanbestedingswet in 2012 in werking te laten treden. Dit wetsvoorstel bevat een hernieuwde implementatie van de Aanbestedingsrichtlijnen, aangevuld met maatregelen die de concurrentie moeten bevorderen, de lasten moeten verminderen, de aanbestedingspraktijk waar nodig uniformeren, de toegang van het midden- en kleinbedrijf tot overheidsopdrachten verbeteren en de klachtenafhandeling vergemakkelijken.
  • –  Introductie van extra mogelijkheden (fase 2) in TenderNed, het systeem voor elektronisch aanbesteden. Ondernemingen kunnen hiermee documenten in het online bedrijvenregister laten opnemen en digitaal inschrijven op aanbestedingen, waardoor het systeem fungeert als een online marktplaats.

Indicator

Indicator

Referentiewaarde

Peildatum

Raming 2012

Streefwaarde

Planning

Bron

Gebruik elektronisch systeem voor aanbesteden wordt gemeengoed bij de overheid

Openbare aanbestedingen worden nog niet via TenderNed gepubliceerd

1 januari 2010

NVT

Alle openbare aanbestedingen worden via TenderNed gepubliceerd

2012

TenderNed, EL&I

Metrologiewet

Doel en beschrijving:

Met de Metrologiewet worden nationale meetstandaarden beschikbaar gesteld, zodat nauwkeurig kan worden gemeten met meetinstrumenten. Het gebruik van gecontroleerde meetinstrumenten bij het leveren van goederen draagt onder andere bij aan eerlijke handel en consumentenbescherming. VSL, Verispect en een aantal aangewezen keuringsinstanties zijn belast met de uitvoering van de regelgeving.

Voornaamste acties in 2012:

  • –  In 2012 wordt de herziening van de Europese metrologische richtlijnen op basis van verordening 765/2008 betreffende accreditatie en marktoezicht en besluit 768/2008 betreffende het verhandelen van producten in de Metrologiewet geïmplementeerd. Hierdoor wordt een aantal technische verbeterpunten doorgevoerd.
  • –  In 2012 wordt de IJkwet 1956 BES (Bonaire, Sint Eustatius, Saba) gemoderniseerd. Gestreefd wordt naar inwerkingtreding van de nieuwe wet in 2013. De infrastructuur voor het houden van toezicht op de naleving van de IJkwet BES wordt ingericht door het opleiden en begeleiden van eilandmedewerkers en het inrichten van een meetlokaal.

Operationele doelstelling 11.2

Behouden en versterken positie van de consument

Motivering

Consumenten moeten in staat zijn met vertrouwen op markten te opereren en daarbij goed gefundeerde keuzes te maken. Om consumenten als volwaardige spelers op de markt hun rol als afnemers te kunnen laten spelen blijft het van groot belang dat er heldere rechten en plichten gelden voor consumenten en ondernemers over zaken zoals informatievoorziening, herroeping en garantie. Daarvoor zijn wettelijke regels opgesteld. Tegelijkertijd moet de ruimte om te ondernemen niet onnodig worden ingeperkt en dienen de administratieve lasten zo laag mogelijk te worden gehouden. Er dient een balans gezocht te worden tussen de belangen van consumenten en ondernemers.

Daarnaast voorziet EL&I door middel van handhaving in voorkoming van collectieve inbreuken op (een deel van) wettelijke regels. Ten behoeve van die handhaving is in 2007 de Consumentenautoriteit opgericht. Zowel bij het opstellen van wettelijke regels als bij de handhaving daarvan wordt nadrukkelijk rekening gehouden met het brede scala aan zelfreguleringsarrangementen die vanuit de markt zelf zijn opgesteld.

Instrumenten en activiteiten

Informatieloket ConsuWijzer

Doel en beschrijving:

Het informatieloket ConsuWijzer biedt op laagdrempelige wijze informatie aan over de rechten van ondernemers en consumenten.

Voornaamste acties in 2012:

In 2012 wordt gestreefd de naamsbekendheid van dit loket verder te vergroten en het aantal bezoeken van de website ook structureel op een hoog niveau te houden. Dit gebeurt onder meer door campagnes van Consuwijzer.

Indicator

De naamsbekendheid van ConsuWijzer

Indicator

Waarde 2009

Streefwaarde 2012

Bron

Percentage spontane naamsbekendheid

2%

6%

ConsuWijzer

Percentage geholpen naamsbekendheid ConsuWijzer

23%

40%

 

Aantal bezoeken op website ConsuWijzer

2 000 000

2 200 000

 

Wet- en regelgeving, ter versterking van de positie van de consument

Doel en beschrijving:

Goede wet- en regelgeving in Nederland beschermt consumenten tegen oneerlijke praktijken en geeft hen belangrijke rechten in de relatie met ondernemers. Consumenten maken steeds vaker gebruik van aanbiedingen over de grens. EL&I zet zich samen met V&J in voor adequate Europese regels, zodat consumenten ook in andere EU landen met vertrouwen kunnen consumeren. Wanneer dat vertrouwen beschaamd wordt is het eveneens van belang dat de toezichthouder, waar nodig in samenwerking met de Europese collega’s, effectief kan optreden.

Voornaamste acties in 2012:

  • •  De uitkomsten van onderhandelingen in Brussel over de Richtlijn Consumentenrechten7 worden door EL&I in 2012 in samenwerking met het voor de implementatie eerstverantwoordelijke Ministerie van V&J geïmplementeerd in Nederlandse wetgeving.
  • •  EL&I stimuleert uitbreiding van de mogelijkheid tot laagdrempelige geschiloplossing. Wanneer consumentenorganisaties en brancheverenigingen kansen zien op tot de oprichting van een geschillencommissie op basis van tweezijdige algemene voorwaarden te komen, zal dit worden gefaciliteerd door middel van kennis en indien nodig door financiële ondersteuning.
  • •  In 2012 worden consumenten door middel van openbaarmaking van onderzoeksgegevens van EL&I geïnformeerd over de kwaliteit van de dienstverlening van de klantenservice van telecom- en energiebedrijven.
  • •  In 2012 is de parlementaire behandeling voorzien van de nieuwe Pandhuiswetgeving. Gestreefd wordt naar inwerkingtreding van de nieuwe Pandhuiswetgeving in 2013. De oude Pandhuiswet dateert uit 1910 en wordt door EL&I aangepast aan de huidige tijdsgeest. Voorzien wordt dat Consumentenautoriteit toezicht zal houden op de Pandhuiswetgeving.

Operationele doelstelling 11.3

Goede en betrouwbare netwerken en markten voor telecommunicatie en post

Motivering

Een goed functionerende telecommunicatie- en postmarkt is een markt waarbij:

  • –  Er concurrentie en innovatie is, zonder ongeoorloofde concurrentiebeperkende gedragingen;
  • –  Er weinig tot geen toetredingsdrempels zijn voor nieuwe telecommunicatieaanbieders;
  • –  Dienstenleveranciers voldoende toegang kunnen krijgen tot de netwerken;
  • –  Eindgebruikers een ruime keuze hebben uit een innovatief aanbod met een gunstige prijs/kwaliteitverhouding, waarbij zij eenvoudig van aanbieder kunnen veranderen en daartoe toegang hebben tot alle relevantie informatie;
  • –  En gebruikers een «gerechtvaardigd vertrouwen» kunnen hebben in de netwerken.

Om deze condities te bereiken maakt EL&I gebruik van een palet aan instrumenten: van overleg met marktpartijen tot wetgeving en handhaving.

Financieel overzicht instrumentarium

Bedragen x € 1 mln

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

11.3 Goede en betrouwbare netwerken en markten voor telecommunicatie- en post

6,0

14,6

12,0

10,5

9,8

11,2

10,7

               

Bijdrage aan OPTA

2,2

3,6

2,5

2,3

1,9

1,8

1,8

Bijdrage aan internationale organisaties

2,3

2,5

2,5

2,4

2,4

2,4

2,4

Veiligheid en frequenties

1,5

8,5

7,0

5,8

5,5

7,1

6,6

Instrumenten en activiteiten

Markt en regelgeving

Doel en beschrijving:

EL&I heeft als taak om te bevorderen dat markten goed functioneren. Vanwege het vitale belang van de telecom- en postmarkt voor de Nederlandse economie gaat hier specifiek aandacht naar uit. Deze markten worden gekenmerkt door marktimperfecties, zoals netwerkeffecten (een dienst is aantrekkelijker naarmate er meer afnemers zijn), marktmacht en schaarse middelen (zoals frequenties). Rekening houdend met deze imperfecties wordt concurrentie bevorderd door specifieke mededingingsregels en een goede bescherming van de consument. Het belangrijkste instrument hiervoor is wetgeving in de vorm van de Telecomwet (19 oktober 1998) en van de Postwet (1 april 2009). Beide wetten zijn mede gebaseerd op Europese richtlijnen. De Digitale Agenda.nl (mei 2011) schetst de kaders van het ICT beleid tot 2015. Naast wetgeving en beleid is er ook een belangrijke rol neergelegd voor toezicht en/of handhaving van de wet door de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA), Agentschap Telecom (AT), NMa en de Consumentenautoriteit.

Voornaamste acties in 2012:

  • •  In het licht van de ambities voor snelle toegang tot internet, zoals verwoord in de Digitale Agenda.nl, wordt de voortgang van de uitrol van breedbandige netwerken gevolgd met een jaarlijkse Breedbandmonitor. De eerste monitor wordt in 2012 gepubliceerd.
  • •  In september/oktober zal het vierjaarlijkse UPU (Universal Postal Union) Congres in Doha, Qatar plaatsvinden. Tijdens dit congres worden internationale afspraken met betrekking tot post gemaakt.
  • •  Medio 2012 wordt op Europees niveau beslist of en hoe de tarieven voor bellen in het buitenland gereguleerd worden (Europese roaming verordening). EL&I zal zich ervoor inzetten dat bellen in het buitenland op termijn niet meer kost dan bellen in Nederland.
  • •  Om betaalbare en gelijkwaardige toegang tot elektronische communicatiediensten voor doven en slechthorenden te realiseren zal EL&I via een open selectieprocedure een opdracht verlenen voor een tekst- en een beeldbemiddelingsdienst.
  • •  OPTA krijgt de bevoegdheid om een verplichting tot functionele scheiding op te leggen indien de normale toegangsverplichtingen niet effectief blijken te zijn.
  • •  Er komen regels tegen het blokkeren en beperken van de toegang tot diensten (netneutraliteit) en transparantieverplichtingen voor aanbieders van internettoegang voor capaciteitsbeheer op hun netwerken.
  • •  De aanwijzingstermijn van de huidige beheerder van het Bel-me-niet Register loopt per 1 oktober 2012 af. Voor die datum wordt opnieuw een beheerder voor het Bel-me-niet Register aangewezen.

Frequentie- en antennebeleid

Doel en beschrijving:

EL&I heeft op grond van de Telecommunicatiewet de taak om verkeersregels op te stellen voor het gebruik van de ether, afspraken te maken in internationaal verband ten behoeve van harmonisatie en bij schaarste de wijze waarop het spectrum wordt verdeeld te bepalen. Door verruiming van de gebruiksmogelijkheden van het spectrum en door de uitgifte van beschikbare frequentieruimte worden hoogwaardige breedbandige mobiele communicatie en innovatieve omroeptoepassingen gerealiseerd. Daarnaast zet EL&I zich in voor de digitalisering van radio. Digitale etherradio biedt kansen voor nieuwe innovatieve diensten en draagt daardoor bij aan economische groei.

Agentschap Telecom draagt zorg voor de toelating tot het spectrum en ziet toe op het juiste gebruik daarvan. Mede in opdracht van EL&I geeft het Antennebureau voorlichting aan diverse doelgroepen, waaronder de burger, over de gezondheidseffecten van elektromagnetische velden van antennes, de wetgeving rond de plaatsing van antennes en de toepassingen waar antennes voor worden gebruikt.

Indicator

De doelstelling is om het aantal vergunningcategorieën8 met tien procent terug te brengen (van 47 naar 42) in een periode van 5 jaar. Dit heeft tot gevolg dat gebruiksmogelijkheden van frequenties worden verruimd en wordt aangesloten bij veranderende marktomstandigheden en technologische ontwikkelingen.

Indicator

Referentiewaarde

Peildatum

Raming 2012

Streefwaarde

Planning

Bron

Het aantal vergunningscategorieën t.b.v. het gebruik van frequentiebanden

47

1 januari 2009

dalend

42

2013

Agentschap Telecom

Voornaamste acties 2012:

  • •  Het voorbereiden van en deelnemen aan de Wereld Radio Conferentie (WRC). Een WRC vindt eens in de vier jaar plaats en bepaalt de internationale kaders voor het nationale frequentiebeleid. Naar aanleiding van de WRC, maar ook op basis van nationale behoeften en harmonisatiebesluiten van de Europese Commissie en de Europese Conferentie van administraties voor Post en Telecommunicatie (CEPT), zal het Nationale Frequentieplan gewijzigd worden.
  • •  In 2017 lopen de vergunningen van Digitenne en de Publieke Omroep in het UHF spectrum (470–790 MHz) af. In 2012 wordt een beleidskader voor de bestemming van dit spectrum na 2017 opgesteld.
  • •  Het omroepdistributiebeleid – het beleid ten aanzien van de verspreiding van omroeptoepassingen via de verschillende infrastructuren (kabel, IPTV, ether en satelliet) – zal worden herijkt. Noodzaak hiertoe is onder meer om toenemende convergentie van media- en telecommunicatiediensten en de ontwikkeling van efficiëntere en innovatieve distributietechnieken te adresseren.
  • •  In 2012 zal de transitie van analoge naar digitale radio samen met de vergunninghouders worden vormgegeven en zullen afspraken worden gemaakt over het gezamenlijk binden van de luisteraars aan het digitale platform.

Indicator

Een indicatie over het succes van de in 2012 gemaakte afspraken over digitalisering is de penetratiegraad van TDAB radio-ontvangers in huishoudens. Dit wordt gemonitord in de jaarlijkse uitgave De Digitale Economie (voor het eerst in de 2010-uitgave) van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Indicator

Referentiewaarde

Peildatum

Raming 2012

Streefwaarde

Planning

Bron

Penetratiegraad van TDAB radio-ontvangers in huishoudens

<1%

2009

<1%

50%

2016

CBS

  • •  De uitgifte van vergunningen voor mobiele communicatie (800/900/1800 MHz) zal in 2012 plaatsvinden. Aan de uitgifte liggen ruimte voor innovatie, ruimte voor flexibiliteit in frequentiegebruik, technologie en diensten en ruimte voor continuïteit van dienstverlening ten grondslag. Daarmee ontstaan optimale condities voor marktpartijen en voor de goede ordening en werking van de telecommunicatiemarkt, in het bijzonder voor mobiele communicatie.
  • •  In 2012 zullen frequenties in de zogenoemde Band III worden uitgegeven. Met frequenties in Band III kan de markt innovatieve digitale omroeptoepassingen ontwikkelen en aanbieden aan de consument.
  • •  Bij gebleken marktbehoefte zal in 2012 de beschikbare vrije frequentieruimte in de 3,5 GHz-band worden uitgegeven voor kleinschalige innovatieve commerciële elektronische communicatietoepassingen.

Nummers en Internetdomeinnamen

Doel en beschrijving:

Het vaststellen van nummerplannen is een wettelijke taak, die is vastgelegd in de Telecommunicatiewet. Doel van het nummerbeleid is het waarborgen dat het aanbod van nummers die nodig zijn in de elektronische communicatiemarkt (onder meer telefoonnummers) adequaat, voldoende groot en verzekerd is voor de toekomst. Het houdt daarbij rekening met technische en marktontwikkelingen, de belangen van de consument en de internationale context.

EL&I volgt binnen ICANN/GAC (The Internet Corporation for Assigned Names and Numbers/Governmental Advisory Committee), in EU-verband, en met Buitenlandse Zaken de introductie van nieuwe internetextensies, zodat mondiaal zowel de stabiliteit van het internet als publieke belangen gewaarborgd blijven. EL&I werkt voorts samen met de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland (SIDN) om de stabiliteit en continuïteit van het .nl-domein te waarborgen.

Voornaamste acties in 2012:

  • •  Onder andere als gevolg van een mogelijk verwachte uitbreiding van Europees geharmoniseerde nummers zal het nummerplan worden gewijzigd.
  • •  In opdracht van EL&I zal TNO monitoren hoe de invoering van Internet Protocol versie 6 (IPv6) in Nederland verloopt.

Een veilig en betrouwbaar netwerk

Doel en beschrijving:

Elektronische communicatie is een basisvoorziening voor onze economie. Het is daarom van belang dat de continuïteit, veiligheid en betrouwbaarheid van ICT worden bewaakt en dat gebruikers met vertrouwen gebruik maken van elektronische communicatie. Een groter vertrouwen in elektronische communicatie leidt tot een groter gebruik. Zo kan een versterking van vertrouwen ruim € 1 miljard aan extra omzet voor internethandel in 2014 opleveren9.

Omdat de kosten van het beschermen van het netwerk vaak op een andere plek liggen dan de baten van een veilig en betrouwbaar netwerk, moet EL&I hier optreden. Dit doet EL&I door wetgeving (hoofdstuk 11 van de Telecomwet), door gebruik te maken van de kaders die zijn gesteld in de Digitale Agenda.nl maar ook door overleg met belanghebbenden. De ICT Response Board – bestaande uit publieke en private partijen – pakt grootschalige ICT-uitval aan door advies te geven over mogelijke tegenmaatregelen.

Voornaamste acties in 2012:

  • •  De vereisten uit het Regulatory Framework for Electronic Communications met betrekking tot continuïteit en weerbaarheid en met betrekking tot de meldplicht verstoring van telecommunicatie (uitval van netwerken) worden ingevoerd. Dit gebeurt in samenspraak met de telecomsector en de toezichthouder. Ook zal de storingsgevoeligheid van onze netwerken via publieksinformatie inzichtelijk worden gemaakt
  • •  Voorbereiden van en deelname aan de ICTcrisisoefening van de Europese Commissie
  • •  Organiseren van een nationale oefening op basis van het Nationaal Crisisplan-ICT Inventarisatie in Europees verband van de vitale functies binnen de Telecom en ICT-infrastructuur met als doel te bezien of hiervoor specifieke grensoverschrijdende maatregelen op gebied van continuïteit moeten worden getroffen.
  • •  Het programma veilig elektronisch zakendoen wordt gestart. Dit programma ondersteunt acties op het borgen van veilig gebruik van ICT en kennis over rechten en plichten in het online handelsverkeer.
  • •  In navolging van het eind 2009 gesloten Antibotnet convenant met Internet Service Providers (ISP’s) werken ISP’s een voorstel uit voor het opzetten van «clearinghouse»: een gedeeld systeem voor detectie en ontsmetting van botnets. Op basis van de informatie van zo’n clearinghouse kunnen ISP’s hun klanten helpen computers te ontsmetten en via het beschikbaar stellen van hulpmiddelen blijvend schoon te houden.
  • •  EL&I zal in samenwerking met de ICT-industrie standaarden op het gebied van cyber security ontwikkelen, waardoor hard- en software producten beter kunnen worden beveiligd tegen nieuwe kwetsbaarheden.

Operationele doelstelling 11.4

Voorzien in maatschappelijke behoefte aan statistieken

Motivering

Het publiceren van betrouwbare en samenhangende statistische informatie over maatschappelijke en economische ontwikkelingen die inspeelt op de behoefte van de samenleving, waardoor:

  • •  maatschappelijke en economische ontwikkelingen in samenhang worden beschreven;
  • •  nationale en internationale Europese verplichtingen op statistisch gebied worden nagekomen;
  • •  de verdeling van fondsen (Gemeente en Provinciefonds) en de vaststelling van afdrachten en indexeringen (loonkosten en prijsontwikkeling) op basis van objectieve gegevens, efficiënt kan worden vastgesteld;
  • •  beleidsanalyses, modelsimulaties, prognoses en geavanceerde microdata-analyses kunnen worden uitgevoerd.
Financieel overzicht instrumentarium

Bedragen x € 1 mln

2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

11.4 Voorzien in maatschappelijk behoefte aan statistieken

192,3

190,2

181,1

165,7

148,5

142,7

140,8

               

Bijdrage aan het CBS

192,3

190,2

181,1

165,7

148,5

142,7

140,8

Instrumenten en activiteiten

Het CBS wil een toonaangevend kennisinstituut zijn dat kan inspelen op de vraag naar statistische informatie van beleid, wetenschap en maatschappij. Dit door het samenstellen en publiceren van onbetwiste, samenhangende, actuele statistische informatie die relevant is voor praktijk, beleid en wetenschap. Om dit te realiseren is het vereist dat de kwaliteit van de statistische informatie gegarandeerd is. Hiermee wordt de (wetenschappelijke) kwaliteit van de statistieken geborgd en wordt het CBS door de gebruikers als gezaghebbende bron van betrouwbare en valide statistische informatie beschouwd. Tevens wordt het optimaliseren van het gebruik van de statistieken van het CBS voor de ontwikkeling, uitvoering en evaluatie van beleid door onder meer de ministeries (en daarmee de maatschappelijke relevantie van het CBS) nagestreefd.

Voornaamste acties in 2012:

  • •  Uitvoeren van het reguliere statistisch programma en vernieuwingsprojecten.
  • •  Om lastendruk te verlagen het aantal uitvragen reduceren en alternatieve manieren van waarnemen onderzoeken en zo mogelijk implementeren.
  • •  Realiseren van de efficiency-taakstelling.

Indicatoren

Definitie

Streefwaarde 2012

1. Realisatie van de publicatiekalender

Realisatie: Percentage op de geplande datum gepubliceerde persberichten en gerealiseerde leveringen aan Eurostat.

90 procent van publicatiekalender op of voor geplande publicatiedatum gehaald.

2. Aantal formele correcties op publicaties

Aantal persberichten dat met een (nieuw) persbericht wordt gecorrigeerd.

Maximaal 3 persberichten per jaar met correcties.

3. Afwijking van voorlopige en definitieve cijfers

   

a. economische groei

Het aantal keer dat de definitieve kwartaalcijfers voor de economische groei van een jaar meer dan 0,75 procentpunt afwijken van de flash-ramingen voor de kwartalen van dat jaar.

Voor minstens drie kwartalen van het jaar moet de afwijking minder zijn dan 0,75 procentpunt.

b. internationale handel

Het aantal afwijkingen van meer dan 4% tussen de voorlopige en definitieve cijfers van de onderdelen van de 6-wekenversie van de maandcijfers van de internationale handel.

80 procent van de afwijkingen moet minder zijn dan 4 procent.

c. bevolkingsgroei

Deelindicator jaarcijfer: de absolute afwijking van de som van de voorlopige maandcijfers van de bevolkingsgroei met het definitieve jaarcijfer.

Deelindicator maandcijfers: het aantal keren dat de definitieve cijfers van de bevolkingsgroei voor de maanden van het voorafgaande kalenderjaar meer dan 4 000 afwijken van de voorlopige cijfers.

Voor minstens 8 maanden moet de afwijking minder zijn dan 4 000 én de afwijking van het gecumuleerd jaartotaal moet minder dan 16 000 zijn.

4. Administratieve lasten verlaging/reductie enquêtedruk

Uitkomst van de jaarlijkse administratieve lasten zoals gemeten door de «enquêtedrukmeter» (EDM).

De administratieve last door enquêtedruk voor het bedrijfsleven mag in 2012 niet meer bedragen dan de lastendruk in 2011 en wordt zoveel mogelijk gereduceerd in lijn met de doelstelling om in 2015 een reductie tussen de 20% en 30% te realiseren1

Noot 1: Zoals nader toegelicht in de Voortgangsrapportage regeldruk bedrijven van Prinsjesdag 2011 vereist de realisatie van deze doelstelling zowel wijzigingen uitgevoerd door het CBS als wijzigingen in de Europese regelgeving. Op basis van haalbaarheidsonderzoeken, waarbij ook inzicht wordt verkregen in de hiermee gepaard gaande kosten, vindt nog definitieve besluitvorming plaats.

Noot 7: De onderhandelingen worden naar verwachting in de loop van 2011 afgerond

Noot 8: Voorbeelden van vergunningcategorieën zijn vaste verbindingen, mobiele communicatie, omroep en zendamateurs.

Noot 9: Ernst&Young, Groeien door veiligheid, 2011