Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

Rijksbegrotingsfasen
Rijksbegroting Overzicht Voorbereiding Uitvoering Verantwoording
2019
  • Begrotingsstaat
  • Najaarsnota
  • 2e suppletore
  • Financieel jaarverslag
  • Verantwoordingsbrief
  • Jaarverslag
  • Slotwet
  • Download PDF

Wijziging begroting BuZa 2019 (wijziging i.v.m. Voorjaarsnota)

35210 V 2 MEMORIE VAN TOELICHTING

Vergaderjaar 2018-2019

Nr. 2

A. ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikel 1

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2019 wijzigingen aan te brengen in:

  • 1.  de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken;

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

Wetsartikel 2

De Minister van Buitenlandse Zaken,
S.A. Blok

B. Begrotingstoelichting

1. Leeswijzer

De voorliggende suppletoire begroting bevat de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de Ontwerpbegroting 2019 van hoofdstuk V van de begroting van het Rijk.

In onderdeel 2 wordt een beknopte toelichting gegeven op de wijzigingen die zijn opgetreden binnen het totaal van de HGIS.

In onderdeel 3 staan tabellen met toelichting over de belangrijkste mutaties op de begroting van Buitenlandse Zaken.

Onderdeel 4 bevat per beleidsartikel een tabel budgettaire gevolgen van beleid. Na de tabel «budgettaire gevolgen van beleid» wordt een toelichting op de mutaties gegeven. Hierbij worden per artikel de mutaties die groter of gelijk zijn aan de ondergrenzen in onderstaande staffel conform de Rijksbegrotingsvoorschriften toegelicht. De wijzigingen van de verplichtingen worden alleen toegelicht wanneer ze groter zijn dan 10% ten opzichte van de vorige stand op artikelniveau.

Tabel: Ondergrenzen conform Rijksbegrotingsvoorschriften

Omvang begrotingsartikel

(stand ontwerpbegroting)

in € miljoen

Beleidsmatige mutaties

(ondergrens in € miljoen)

Technische mutaties

(ondergrens in € miljoen)

< 50

1

2

=> 50 en < 200

2

4

=> 200 < 1.000

5

10

=> 1.000

10

20

In onderdeel 5 staan de tabellen van de niet-beleidsmatige artikelen.

2. Wijzigingen in de omvang van de HGIS

In deze paragraaf wordt geschetst welke wijzigingen zijn opgetreden in de omvang van de HGIS sinds de HGIS-nota 2019. Zoals uit de hiernavolgende tabel blijkt, neemt de omvang van de HGIS voor 2019 toe met EUR 175 miljoen.

Omvang van de HGIS (bedragen x EUR 1 miljoen)

MJN 2019

VJN 2019

Mutatie

HGIS-uitgaven

6.133,9

6.333,4

199,5

HGIS-ontvangsten

147,6

172,1

24,5

Omvang HGIS (uitgaven min ontvangsten)

5.986,3

6.161,3

175,0

De per saldo toename van het budget kent een aantal oorzaken. Enerzijds ontstaat een stijging van het budget door o.a. een kasschuif voor de contributiebijdrage aan de Wereldbank van 2020/2024 naar 2019 en door de toevoeging van middelen voor de renovatie van het Vredespaleis. Anderzijds daalt het budget vanwege de doorwerking van de bijgestelde macrocijfers ten opzichte van eerdere raming zoals deze is opgesteld op Prinsjesdag 2018. Het beschikbare budget voor de HGIS beweegt mee met de economische ontwikkeling. Het non-ODA-deel met het prijsniveau van het Bruto Binnenlands Product (BBP) en de omvang van de ODA met de ontwikkeling van het Bruto Nationaal Inkomen (BNI). De meest recente CPB-cijfers laten een lager dan eerder verwachte raming zien van zowel BBP alsook BNI. In de hiernavolgende tabellen is een aantal categorieën opgenomen die per onderdeel beknopt worden toegelicht. Een meer uitgebreide toelichting is daarnaast ook in de verticale toelichting van de Voorjaarsnota 2019 opgenomen en op de respectievelijke departementale begrotingen weergegeven.

HGIS-uitgaven (bedragen x EUR 1 miljoen)

Totaal

Stand HGIS-nota 2019

6.133,9

1 Aanpassing BNI/BBP-raming

– 91,7

2 Eindejaarsmarge

2,5

3 Overboekingen van/naar HGIS

4 Kasschuif

84,9

179,9

5 Desalderingen

23,9

Totaal mutaties Voorjaarsnota 2019

199,5

Stand Voorjaarsnota 2019

6.333,4

   

HGIS-ontvangsten (bedragen x EUR 1 miljoen)

Totaal

Stand HGIS-nota 2019

147,6

Totaal mutaties Voorjaarsnota 2019

24,5

Stand Voorjaarsnota 2019

172,1

Toelichting uitgavenmutaties:

De omvang van de HGIS neemt per saldo toe met EUR 199,5 miljoen ten opzichte van de stand die in de HGIS nota 2019 is gepresenteerd. Dit kent de navolgende oorzaken:

Ad 1

Op basis van wijzigingen in de CPB-ramingen voor het BNI (ODA) en de prijscomponent van het BBP (non-ODA) is de omvang van de HGIS op dit onderdeel afgenomen met EUR 91,7 miljoen. Deze betreft met name de ODA-middelen die hoofdzakelijk op de BHOS-begroting staan. Dit wordt binnen de begroting opgevangen. In de eerste suppletoire begroting van BHOS wordt hierop verder ingegaan.

Ad 2

De eindejaarsmarge, die over 2018 is aangevraagd, is in 2019 toegevoegd aan de HGIS en verdeeld over met name de begrotingen van Buitenlandse Zaken, Veiligheid en Justitie, Defensie en Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.

Ad 3

Er vinden meerdere overboekingen van en naar de HGIS plaats. Per saldo kent de HGIS op dit onderdeel daardoor een toename van EUR 84,9 miljoen. Een aantal in het oog springende mutaties betreft onder meer de toevoeging van budget aan de HGIS voor de renovatie van het Vredespaleis, de overheveling van middelen vanuit de JenV begroting ten behoeve van de onderwijskosten voor asielzoekerskinderen, die worden verrekend met OCW en de overheveling naar de begroting van Defensie voor de beveiligingsinzet van de hoog-risico posten.

Ad 4

Ter optimalisatie van het kasritme van de staat wordt de contributiebijdrage voor de Wereldbank, die in 2020 stond gepland, vooruitbetaald in 2019. Er wordt EUR 156,4 miljoen uit 2020 en EUR 23,5 miljoen uit 2024 betaald in 2019.

Ad 5

De extra ontvangsten, die met name komen uit de verkoop van onroerend goed, worden via een desaldering ingezet om de HGIS uitgaven te verhogen. Het betreft met name uitgaven voor investeringen in huisvesting in het buitenland.

Daarnaast zijn er binnen het bestaande HGIS-budget extra middelen ingezet voor een aantal uitvoeringsknelpunten en nieuwe initiatieven die met name liggen op het terrein van het gastlandbeleid, extra inzet ter ondersteuning van de Chinastrategie en een aantal internationale bijeenkomsten in Nederland. In de eerste suppletoire begrotingen van VWS (voor de EMA) en Buitenlandse Zaken (bijdrage renovatie Vredespaleis en Kosovo Tribunaal) wordt de extra inzet op gastlandbeleid toegelicht, op de begrotingen van IenW en BHOS wordt extra inzet voor specifieke conferenties (waar onder Global Entrepeneurs Summit en aantal conferenties georganiseerd door IenW) toegelicht en op een aantal begrotingen wordt vanuit de HGIS extra bijgedragen om de, onlangs gepresenteerde, Chinastrategie kracht bij te zetten.

Toelichting ontvangstenmutaties:

De ontvangsten stijgen met EUR 24,5 miljoen. Dit wordt veroorzaakt door een bijstelling van de geraamde ontvangsten voor consulaire dienstverlening en apparaatsontvangsten op de begroting van Buitenlandse Zaken. De hogere consulaire ontvangsten hebben te maken met een toename van het aantal visumaanvragen. Daarnaast stijgen de ontvangsten binnen het apparaatsartikel vanwege de verkoop van onroerend goed. Deze middelen worden alternatief binnen de BZ-begroting op het terrein van vastgoed ingezet.

3. Overzicht belangrijkste mutaties in 2019

In dit wetsvoorstel is een aantal begrotingswijzigingen opgenomen die per saldo leiden tot een verlaging van de geraamde uitgaven 2019 van Buitenlandse Zaken (V) met EUR 27,5 miljoen. Deze incidentele afname wordt veroorzaakt door de EU-afdrachten. Naar aanleiding van de bronnenrevisie van het Centraal Bureau voor de Statistiek is het Nederlandse BNI opwaarts bijgesteld. Voor 2019 leidt dit via de jaarlijkse nacalculatie van de EU-afdrachten tot ophoging van deze afdracht van EUR 318 miljoen. Het restant van de reservering valt vrij.

De overige begrotingswijzigingen (excl. EU-afdrachten) laten per saldo een structurele toename zien van EUR 76,5 miljoen in 2019. Dit is onder andere het gevolg van loon- en prijsontwikkelingen wereldwijd (inflatiecorrectie) en de inzet van de eindejaarsmarge op apparaatsuitgaven.

De mutaties van de 1e suppletoire begroting 2019 van BZ worden bij onderdeel 4 en 5, toelichting per beleidsartikel resp. niet-beleidsartikel, nader toegelicht.

Een aantal, in omvang grootste mutaties, is in dit onderdeel opgenomen en toegelicht.

Verplichtingen

De mutaties van de verplichtingen zijn overeenkomstig de mutaties bij uitgaven en worden bij onderdeel 4 en 5, toelichting per beleidsartikel resp. niet-beleidsartikel, nader toegelicht.

Uitgaven

Overzicht belangrijkste suppletoire uitgavenmutaties 2019 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen in EUR 1.000)
 

Artikelnummer

Uitgaven

Vastgestelde begroting

 

9.976.656

Belangrijkste suppletoire mutaties

   

1) Afdrachten aan de Europese Unie

3.1

– 105.200

2) Samen met ketenpartners het personenverkeer regelen

4.2

11.700

3) Apparaat

7

75.100

4) overige mutaties

 

– 9.101

stand 1e suppletoire begroting

 

9.949.155

Artikel 3.1

De afdracht aan de EU wordt incidenteel met EUR 105,2 miljoen neerwaarts bijgesteld. Dit is het gevolg van het surplus dat de EU over 2018 overhield. Dit surplus wordt elk jaar aan de lidstaten teruggegeven via een lagere BNI-afdracht. Voor Nederland leidt het surplus tot een neerwaartse bijstelling van de BNI-afdracht met EUR 88 miljoen. Daarnaast is de raming van de BNI-afdracht met EUR 17 miljoen neerwaarts bijgesteld doordat de raming van de overige inkomsten van de EU in de Europese begroting voor 2019 opwaarts is bijgesteld.

Artikel 4.2

De mutaties op dit artikel zijn onder meer een gevolg van de autonome groei van visa, waardoor de uitgaven van de dienstverlening toenemen, zoals ICT kosten, vervoerskosten visumproces en aankoop visumstickers. De uitgaven voor modernisering van de consulaire diplomatie worden in 2019 en 2020 verhoogd om de digitaliseringsagenda conform planning en budget uit te voeren.

Artikel 7

De personele en materiele uitgaven van het apparaatsbudget laten een stijging zien van EUR 75,1 miljoen. Het budget neemt toe als gevolg van loon- en prijsontwikkelingen wereldwijd. Verder neemt het materiele budget toe als gevolg van de inzet van de eindejaarsmarge op reguliere apparaatsuitgaven voor bedrijfsvoering, huisvesting buitenland, ICT en facilitaire kosten. Deze middelen zijn vanuit 2018 doorgeschoven.

De volgende mutaties zijn het gevolg van de uitvoering van het beleid:

Vredespaleis

De toonaangevende internationale positie van Nederland brengt verantwoordelijkheden met zich mee. Om concurrerend te kunnen blijven, werkt het Ministerie van Buitenlandse Zaken aan een rijksbreed gedragen strategisch gastlandbeleid. Dit vergt permanente inspanning van het Ministerie van Buitenlandse Zaken als coördinerend ministerie voor gastlandzaken. In deze hoedanigheid heeft BZ een gastlandverantwoordelijkheid voor het Vredespaleis. BZ heeft geen verantwoordelijkheid voor het Vredespaleis als Rijksmonument, maar meent vanuit zijn gastlandverantwoordelijkheid wel dat de twee Hoven (Internationaal Gerechtshof van de VN en Permanent Hof van Arbitrage) goed gehuisvest dienen te zijn. Daartoe dient het Vredespaleis te worden gerenoveerd. De benodigde middelen zijn vanaf 2021 gereserveerd in de 1e suppletoire begroting. Tevens is EUR 50 miljoen op de Aanvullende Post gereserveerd voor de renovatie. Dit bedrag is nog niet toegevoegd aan de BZ-begroting.

Chinastrategie

Het Nederlandse Chinabeleid raakt een groot aantal ministeries onder andere op het terrein van internationale rechtsorde, mensenrechten, handel, klimaat, energie, ontwikkelingssamenwerking en veiligheid. Voor de uitvoering van de Chinastrategie worden extra middelen (EUR 24 miljoen) vanuit de HGIS ter beschikking gesteld voor de periode 2019–2023. Deze middelen worden verdeeld over een aantal departementen en hoofdzakelijk ingezet om extra capaciteit vrij te maken.

Ontvangsten

Overzicht belangrijkste suppletoire ontvangstenmutaties 2019 (Eerste suppletoire begroting) (bedragen in EUR 1.000)
 

Artikelnummer

Ontvangsten

Vastgestelde begroting

 

459.511

Belangrijkste suppletoire mutaties

   

1) EU overige ontvangsten

3.10

– 331.371

2) Diverse ontvangsten apparaat

7.10

20.000

3) overige mutaties

 

3.859

stand 1e suppletoire begroting

 

151.999

Artikel 3.10

Het onderhavige wetsvoorstel leidt tot een verlaging van de geraamde ontvangsten 2019 van Buitenlandse Zaken (V) met EUR -331,4 miljoen.

Artikel 7.10

De raming op de apparaatsontvangsten voor de verkoop van vastgoed wordt met EUR 20 miljoen naar boven bijgesteld. Met deze middelen worden de investeringen gedekt voor de modernisering en rationalisering van de huisvestingsportefeuille.

De ontvangsten worden per artikel nader toegelicht in onderdeel 4 en 5.

4. De beleidsartikelen

Beleidsartikel 1

Beleidsartikel 1 Versterkte internationale rechtsorde

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

     

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

105.487

0

105.487

17.668

123.155

8.959

4.062

25.587

14.166

                       

Uitgaven:

                 
                       

Programma-uitgaven totaal

123.487

0

123.487

5.094

128.581

4.251

4.919

4.795

4.728

   

waarvan juridisch verplicht

63%

     

69%

       
                       

1.1

Goed functionerende internationale instellingen met een breed draagvlak

56.035

 

56.035

5.574

61.609

4.744

3.144

5.444

5.444

                       
 

Subsidies

                 
   

Internationaal recht

12.035

 

12.035

4.230

16.265

3.400

1.800

1.100

1.100

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Verenigde Naties

34.525

 

34.525

0

34.525

       
   

OESO

6.175

 

6.175

1.044

7.219

1.044

1.044

1.044

1.044

   

Internationaal Strafhof

3.300

 

3.300

300

3.600

300

300

300

300

   

Vredespaleis

             

3 000

3 000

                       

1.2

Bescherming en bevordering van mensenrechten

63.402

0

63.402

0

63.402

0

0

0

0

                       
 

Subsidies

                 
   

Landenprogramma's mensenrechten

34.252

 

34.252

0

34.252

       
                       
 

Opdrachten

                 
   

Landenprogramma's mensenrechten

1.500

 

1.500

0

1.500

       
                       
 

bijdragen (inter) nationale organisaties

                 
   

Landenprogramma's mensenrechten

20.000

 

20.000

0

20.000

       
   

Centrale mensenrechtenprogramma's

7.650

 

7.650

0

7.650

       
                       

1.3

Gastlandbeleid internationale organisaties

4.050

0

4.050

– 480

3.570

– 493

1.775

– 649

– 716

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Speciaal Tribunaal Libanon

1.900

 

1.900

19

1.919

19

336

   
   

Internationaal Strafhof

1.150

 

1.150

– 49

1.101

– 62

– 111

– 199

– 266

   

Nederland Gastland

900

 

900

– 450

450

– 450

1.550

– 450

– 450

                     
 

Bijdragen aan andere begrotingshoofdstukken

                 
   

Nederland Gastland

100

 

100

0

100

       

Verplichtingen

In het kader van een actieve Nederlandse inzet op internationale veiligheid werd besloten tot een eenmalige Nederlandse bijdrage aan de totstandkoming van een nieuwe OPCW-laboratorium in Pijnacker. Dit besluit past en ondersteunt eveneens het gastlandbeleid van Nederland.

In lijn met de afspraken uit het Regeerakkoord in het kader van de Nederlandse inzet op de bescherming en bevordering van mensenrechten zijn meerjarige verplichtingen aangegaan die leiden tot een structurele ophoging van het verplichtingenbudget.

In het kader van het Nederlandse gastlandbeleid voor internationale organisaties werd in 2018 een nieuwe meerjarige afspraak afgesproken met de Carnegiestichting (de eigenaar van het Vredespaleis) die leidde tot een toename in het verplichtingenbudget. Vanaf 2022 is met de Voorjaarsnota structureel extra middelen vanuit de HGIS toegekend voor de renovatie (asbestsanering) van het Vredespaleis.

In het kader van een aanspraak op een in 2015 afgegeven garantie voor de financiële uitvoeringsrisico’s voor de verbouwing van het Kosovo Tribunaal toegekend vanuit de HGIS.

Uitgaven

Artikel 1.1

In 2019 worden hogere bijdrages toegekend aan de OESO en het ICC (International Criminal Court). Deze zijn het gevolg van een verhoging van de verplichte verdragscontributies. Tevens wordt een bijdrage gedaan aan de organisatie van de HCCH-conferentie (Haagse conferentie voor internationaal privaatrecht) die plaatsvindt in 2019. Besluitvorming omtrent bijdrages aan de organisaties ICMP (International Commission on Missing Persons), UNITAD (United Nations Investigative Team for the Accountability of Da’esh), alsook aan het project van de ICC geleid door de PILPG (Public International Law & Policy Group) in samenwerking met de VU (Vrije Universiteit) in Afrika en een bijdrage aan de IIIM (Bewijzenbank Syrië) leiden samen met eindejaarsmarge voor de tijdelijke uithuizing van twee Hoven (gevestigd in het Vredespaleis) tot de verhoging van het uitgavenbudget van artikel 1.1.

Beleidsartikel 2

Beleidsartikel 2 Veiligheid en stabiliteit

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

     

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

275.449

0

275.449

– 12.255

263.194

– 4.566

– 5.146

2.354

– 5.146

                       

Uitgaven:

                 
                       

Programma-uitgaven totaal

291.000

0

291.000

1.831

292.831

– 4.237

– 2.020

– 3.396

– 3.329

   

waarvan juridisch verplicht

75%

     

78%

       
                       

2.1

Goede internationale samenwerking ter bevordering van de eigen en bondgenootschappelijke veiligheid

11.015

 

11.015

1.590

12.605

1.530

1.450

1.450

1.450

                       
 

Subsidies

                 
   

Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid

1.000

 

1.000

450

1.450

450

450

450

450

   

Atlantische Commissie

500

 

500

0

500

       
                       
 

Opdrachten

                 
   

Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid

500

 

500

0

500

       
                       
 

Bijdragen (inter) nationale organisaties

                 
   

NAVO

7.200

 

7.200

0

7.200

       
   

Veiligheidsfonds

500

 

500

1.140

1.640

1.080

1.000

1.000

1.000

   

WEU

565

 

565

0

565

       
   

Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid

250

 

250

0

250

       
   

Overige

500

 

500

0

500

       
                       

2.2

Bestrijding internationale criminaliteit en terrorisme

14.351

 

14.351

– 49

14.302

– 100

– 710

– 500

– 500

 

Subsidies

                 
   

Contra-terrorisme

4.000

 

4.000

0

4.000

       
   

Anti-terrorisme instituut

551

 

551

1 073

1.624

– 100

– 210

   
                       
 

Opdrachten

                 
   

Contra-terrorisme

1.000

 

1.000

0

1.000

       
   

Cyber security

4.700

 

4.700

– 552

4.148

       
   

Global Forum on Cyber Expertise

400

 

400

– 70

330

       
   

Overige

500

 

500

– 500

0

– 500

– 500

– 500

– 500

                       
 

Bijdragen (inter) nationale organisaties

                 
   

Contra-terrorisme

3.200

 

3.200

0

3 200

500

     
   

Cyber security

0

 

0

0

0

       
                       

2.3

Wapenbeheersing

10.794

 

10.794

2.344

13.138

79

88

0

0

                       
 

Bijdragen (inter) nationale organisaties

                 
   

IAEA

7.317

 

7.317

0

7.317

       
   

OPCW en andere ontwapeningsorganisaties

1.557

 

1.557

2.344

3.901

79

88

   
   

CTBTO

1.920

 

1.920

0

1.920

       
                       

2.4

Bevordering van veiligheid, stabiliteit en rechtsorde in internationaal verband

226.827

 

226.827

– 2.156

224.671

– 5.746

– 2.848

– 4.346

– 4.279

                       
 

Subsidies

                 
   

Landenprogramma's veiligheid voor mensen (Stabiliteitsfonds)

31.000

 

31.000

0

31.000

       
   

Nederland Helsinki Comité

28

 

28

0

28

       
                       
 

Opdrachten

                 
   

Landenprogramma's veiligheid voor mensen (Stabiliteitsfonds)

15.000

 

15.000

0

15.000

       
                       
 

Bijdragen (inter) nationale organisaties

                 
   

Landenprogramma's veiligheid voor mensen (Stabiliteitsfonds)

44.722

 

44.722

0

44.722

       
   

OVSE

7.195

 

7.195

– 1.195

6.000

– 1.195

– 1.195

– 1.195

– 1.195

   

VN-contributie voor crisisbeheersingsoperaties

99.849

 

99.849

10.070

109.919

       
   

Training buitenlandse diplomaten

2.500

 

2.500

0

2.500

       
   

Inzet hoog-risico posten

20.000

 

20.000

– 15.257

4.743

       
   

Overige

6.533

 

6.533

4.226

10.759

– 4.551

– 1.653

– 3.151

– 3.084

                       

2.5

Bevordering van transitie in prioritaire gebieden

28.013

 

28.013

102

28 115

0

0

0

0

                       
 

Subsidies

                 
   

Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen (NFRP); «MATRA»

11.822

 

11.822

625

12.447

       
                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Nederlands Fonds voor Regionale Partnerschappen (NFRP); «Shiraka»

16.191

 

16.191

– 523

15.668

       
                       

Ontvangsten

1.242

 

1.242

0

1.242

0

0

0

0

                       

2.10

Doorberekening Defensie diversen

242

 

242

0

242

       

2.40

Restituties programma's

1.000

 

1.000

0

1.000

       

Verplichtingen

Het totaal van de verplichtingen voor 2019 t/m 2023 neemt af vanwege een technische correctiemutatie. Dit heeft geen gevolgen voor de daadwerkelijke verplichtingen.

Uitgaven

Geen toelichting conform ondergrenzen Rijksbegrotingsvoorschriften.

Beleidsartikel 3

Beleidsartikel 3 Effectieve Europese samenwerking

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

     

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

8.520.360

0

8.520.360

– 103.984

8.416.376

1.375

675

1.719

675

                       

Uitgaven:

                 
                       

Programma-uitgaven totaal

8.745.255

0

8.745.255

– 103.984

8.641.271

1.375

675

46.837

46.837

   

waarvan juridisch verplicht

100%

     

100%

       
                       

3.1

Afdrachten aan de Europese Unie

8.496.427

0

8.496.427

– 105.240

8.391.187

0

0

0

0

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

BNI-afdracht

4.647.575

 

4.647.575

– 105.240

4.542.335

       
   

BTW-afdracht

556.114

 

556.114

0

556.114

       
   

Invoerrechten

3.292.738

 

3.292.738

0

3.292.738

       
                       

3.2

Europees ontwikkelingsfonds

234.281

0

234.281

0

234.281

0

0

46.162

46.162

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Europees Ontwikkelingsfonds

234.281

 

234.281

0

234.281

   

46 162

46 162

                       

3.3

Een hechtere Europese waardengemeenschap

9.720

0

9.720

0

9.720

0

0

0

0

                       
 

Bijdragen (internationale organisaties

                 
   

Raad van Europa

9.720

 

9.720

0

9.720

       
                       

3.4

Versterkte Nederlandse positie in de Unie

4.827

0

4.827

1.256

6.083

1.375

675

675

675

                       
 

Opdrachten

                 
   

programmatische ondersteuning

500

 

500

581

1.081

700

     
   

CECP

0

 

0

675

675

675

675

675

675

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Benelux bijdrage

3.979

 

3.979

0

3.979

       
   

EIPA

348

 

348

0

348

       
                       

Ontvangsten

383.929

0

383.929

– 331.371

52.558

0

0

0

0

                       

3.10

Diverse ontvangsten EU

383.679

0

383.679

– 331.371

52.308

0

0

0

0

   

Invoerrechten

658.548

 

658.548

0

658.548

       
   

Overige ontvangsten EU

– 274.869

 

– 274.869

– 331.371

– 606.240

       
                       

3.30

Restitutie Raad van Europa

250

0

250

0

250

0

0

0

0

Verplichtingen

De mutatie wordt veroorzaakt door de neerwaartse bijstelling van de BNI-afdracht in 2019, zoals vermeld in artikel 3.1 onder uitgaven.

Uitgaven

De raming voor de afdrachten aan de Europese Unie kent een aantal mutaties. In onderstaande tabel zijn deze geclusterd opgenomen. Hieronder is de toelichting op elk van deze bijstelling opgenomen.

Artikel 3.1

2019

2020

2021

2022

2023

2024

1. Dab 1 2019: surplus EU-begroting 2018

– 87.991

0

0

0

0

0

2. Begrotingsakkoord 2019: overige inkomsten EU begroting

– 17.249

0

0

0

0

0

DAB 1 2019: surplus EU-begroting 2018

De Commissie heeft in april 2019 de eerste aanvullende begroting gepresenteerd met daarin het surplus voor de Europese begroting over 2018. Het surplus valt in totaal uit op EUR 1,8 miljard wat voor Nederland incidenteel een lagere BNI-afdracht van EUR 88 miljoen in 2019 tot gevolg heeft.

Begrotingsakkoord 2019: overige inkomsten EU begroting

De raming van de BNI-afdracht in 2019 wordt met EUR 17 miljoen neerwaarts bijgesteld doordat de raming van de overige inkomsten op de Europese begroting voor 2019 opwaarts is bijgesteld.

Ontvangsten

Artikel 3.10:

De ontvangsten nemen per saldo af. In onderstaande tabel is opgenomen uit welke onderdelen deze wijziging bestaat:

Art 3.10

2019

2020

2021

2022

2023

2024

1. Nacalculatie 2018 incl. bronnenrevisie

– 318,450

0

0

0

0

0

2. DAB 6 2018: BNI effect herziening invoerrechten

– 12.921

0

0

0

0

0

1. Nacalculatie 2018 incl. bronnenrevisie

Naar aanleiding van de bronnenrevisie van het CBS is het Nederlandse BNI opwaarts bijgesteld. Voor 2019 leidt dit via de jaarlijkse nacalculatie van de EU-afdrachten tot een extra BNI-afdracht van EUR 318 miljoen onder artikel 3.10 «overige ontvangsten», Eerder is hiervoor in de begroting een reservering getroffen. Deze nacalculatie over 2018 is nader toegelicht in de kamerbrief van 1 februari 2019.

2. DAB 6 2018: BNI effect herziening invoerrechten

De raming van het effect van de Spring Forecast 2018 op de invoerrechten van 2018 is op basis van nieuwe cijfers naar beneden bijgesteld. Een daling van de ontvangst van invoerrechten door de Europese begroting moet gecompenseerd worden door hogere BNI-afdrachten door de lidstaten. Voor Nederland leidt dit tot een toename van de afdracht met EUR 13 miljoen. Door de late aanname van de 6e aanvullende begroting 2018 is dat effect naar 2019 doorgeschoven en wordt deze geboekt onder art 3.10

Beleidsartikel 4

Beleidsartikel 4 Consulaire dienstverlening en

uitdragen Nederlandse waarden

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

     

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

51.762

0

51.762

15.793

67.555

7.433

5.348

5.048

5.048

                       

Uitgaven:

                 
                       

Programma-uitgaven totaal

50.306

0

50.306

18.892

69.198

5.172

1.557

1.457

1.457

   

waarvan juridisch verplicht

53%

     

80%

       
                       

4.1

Consulaire dienstverlening Nederlanders in het buitenland

13.945

0

13.945

3.367

17.312

– 1.483

– 4.288

– 4.288

– 4.288

             

0

       
 

Subsidies

                 
   

Gedetineerdenbegeleiding

1.900

 

1.900

0

1.900

       
                       
 

Opdrachten

                 
   

Consulaire bijstand

259

 

259

150

409

150

150

150

150

   

Gedetineerdenbegeleiding

200

 

200

0

200

       
   

Reisdocumenten en verkiezingen

4.320

 

4.320

– 1.420

2.900

– 1.770

– 1.770

– 1.770

– 1.770

   

Consulaire opleidingen

400

 

400

0

400

       
   

Consulaire informatiesystemen

6.866

 

6.866

137

7.003

137

137

137

137

   

Loket buitenland

     

3.500

3.500

       
   

Overig

           

– 2.805

– 2.805

– 2.805

                       
 

Bijdrage aan agentschappen

                 
   

Loket buitenland

     

1.000

1.000

       
                       

4.2

Samen met (keten) partners het personenverkeer reguleren

9.049

 

9.049

11.742

20.791

5.722

4.862

4.762

4.762

                       
 

Opdrachten

                 
   

Visumverlening

1.100

 

1.100

1.800

2.900

1.850

1.950

1.950

1.950

   

Ambtsberichtenonderzoek

150

 

150

0

150

       
   

Legalisatie en verificatie

80

 

80

0

80

       
   

Consulaire informatiesystemen

6.856

 

6.856

7.730

14.586

3.535

3.375

3.275

3.275

   

Informatie Ondersteunend Beslissen

     

1.875

1.875

       
   

Overig

           

– 800

– 800

– 800

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Asiel en migratie

863

 

863

337

1.200

337

337

337

337

                       

4.3

Grotere buitenlandse bekendheid met de Nederlandse cultuur

7.706

0

7.706

1.000

8.706

0

0

0

0

                       
 

Subsidies

                 
   

Internationaal Cultuurbeleid

7.706

0

7.706

1.000

8.706

       
                       

4.4

Uitdragen Nederlandse waarden en belangen

19.606

0

19.606

2.783

22.389

933

983

983

983

                       
 

Subsidies

                 
   

Instituut Clingendael

800

 

800

0

800

       
   

Programma Ondersteuning Buitenlands Beleid

4.124

 

4.124

1.353

5.477

3

3

3

3

                       
 

Opdrachten

                 
   

Onderzoeksprogramma's

1.620

 

1.620

0

1.620

       
   

Bezoeken hoogwaardigheidsbekleders en uitgaven Corps Diplomatique en internationale Organisaties

3.000

 

3.000

0

3.000

       
   

waarvan kosten Koninklijk Huis o.a. Staatsbezoeken

2.000

 

2.000

0

2.000

       
   

Adviesraad Internationale vraagstukken

525

 

525

0

525

       
   

landenprogramma's algemene voorlichting en kleine programma's

2.500

 

2.500

530

3.030

30

30

30

30

   

Verkeersnotificaties

0

 

0

400

400

400

400

400

400

   

Chinastrategie

     

250

250

500

550

550

550

                       
 

Bijdragen (inter)nationale organisaties

                 
   

Landenprogramma's algemene voorlichting en kleine programma's

6.517

 

6.517

0

6.517

       
   

Europese bewustwording

520

 

520

250

770

       
                       
                       

Ontvangsten

47.890

 

47.890

3.859

51.749

1.984

1.984

1.984

1.984

                       

4.10

Consulaire dienstverlening Nederlanders in het buitenland

9.500

 

9.500

0

9.500

       
                       

4.20

Consulaire dienstverlening aan vreemdelingen

37.500

 

37.500

3.875

41.375

2.000

2.000

2.000

2.000

                       

4.40

Doorberekening Defensie diversen

890

 

890

– 16

874

– 16

– 16

– 16

– 16

                       

4.41

Ontvangsten verkeersnotificaties

0

 

0

0

0

       

Verplichtingen

De ambitie in het regeerakkoord om een one-stop shop (loket buitenland) voor Nederlanders woonachtig in het buitenland op te zetten wordt verder ontwikkeld in 2019. Daarvoor is dit jaar EUR 4,5 miljoen gebudgetteerd van de intensiveringsmiddelen uit het Regeerakkoord voor het postennet.

Overeenkomstig het bedrag aan mutaties bij de uitgaven 2019 worden ook nieuwe verplichtingen aangegaan voor de versnelling van de digitaliseringsagenda consulair, vervoerskosten in het kader van het visumproces, ICT kosten (extra licenties software) en stickerkosten, beide het gevolg van toename visumaanvragen.

Uitgaven

Artikel 4.1

De mutaties in de uitgaven voor consulaire dienstverlening zijn te splitsen in een structurele bijdrage voor de bestrijding van huwelijksdwang, een structurele bijdrage voor loket buitenland (one-stop shop) en een tijdelijke verlaging van de uitgaven van reisdocumenten door de paspoortdip van 2019 t/m 2023 door de overgang van een 5-jarig naar 10-jarig paspoort.

Zoals opgenomen in het Regeerakkoord zijn er middelen beschikbaar gesteld om te komen tot één loket buitenland (one-stop shop) voor dienstverlening aan Nederlanders woonachtig in het buitenland. De hiervoor beschikbaar gestelde middelen zijn het afgelopen jaar structureel toegevoegd aan de apparaatsbegroting van Buitenlandse Zaken. Omdat de uitgaven voor consulaire dienstverlening binnen beleidsartikel 4 Consulaire dienstverlening Nederlanders in het buitenland staan opgenomen, wordt het beschikbare bedrag voor 2019 (EUR 4,5 miljoen) overgeheveld naar beleidsartikel 4. Jaarlijks vindt de overheveling plaats van de middelen voor het loket op basis van de verwachte inzet.

Artikel 4.2

De mutaties op dit artikel zijn onder meer een gevolg van de autonome groei van visa, waardoor de uitgaven van de dienstverlening structureel toenemen, zoals ICT kosten, vervoerskosten visumproces en aankoop stickers.

De modernisering van de consulaire diplomatie zal in 2019 en 2020 intensiveren om de digitaliseringsagenda conform planning en budget uit te voeren.

De verplichte Nederlandse bijdrage aan internationale organisaties op het gebied van asiel en migratie nemen structureel licht toe.

Artikel 4.4

De mutaties op artikel 4.4 voor het uitdragen van Nederlandse waarden en belangen zijn divers, waaronder de kosten voor de Chinastrategie en verkeersnotificaties. De uitgaven voor notificaties zijn een vergoeding aan het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) voor het genereren van begane verkeersovertredingen door medewerkers van Corps Diplomatique en Internationale organisaties.

Ontvangsten

Artikel 4.20

De consulaire dienstverlening aan vreemdelingen is sinds 2014 toegenomen. Naar verwachting zullen de visumaanvragen nog enigszins stijgen. Daarom is de raming van de ontvangsten structureel met EUR 2 miljoen naar boven bijgesteld. Voor de kosten van de Informatie Ondersteunend Beslissen software ontvangt de Directie consulaire dienstverlening in 2.019 EUR 1,875 miljoen subsidie uit het ISF (Internal Security Fund) van de Europese Commissie.

5. Niet-beleidsartikelen

Artikel 5

Niet-beleidsartikel 5 Geheim

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

   

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

0

 

0

 

0

       
                     

Uitgaven

0

 

0

 

0

       

Verplichtingen en uitgaven

Geen toelichting

Artikel 6

Niet-beleidsartikel 6 Nog onverdeeld

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

Amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

   

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

25.868

0

25.868

– 24.489

1.379

– 35.614

– 48.365

– 44.491

– 42.947

                     

Uitgaven:

                 
                     

Uitgaven totaal

25.868

0

25.868

– 24.489

1.379

– 35.614

– 48.365

– 44.491

– 42.947

                     

6.1

Nog onverdeeld (HGIS)

25.868

0

25.868

– 24.489

1.379

– 35.614

– 48.365

– 44.491

– 42.947

Uitgaven en verplichtingen:

Artikel 6.1:

Het budget voor het artikel -Nog onverdeeld- heeft betrekking op de HGIS en dit neemt structureel af. De reeks binnen dit artikel is met name bedoeld om jaarlijks de loon- en prijsbijstelling te kunnen uitkeren en incidentele initiatieven of tegenvallers mee te dekken. De mutatie betreft het saldo van bijstellingen op grond van aanpassing van BNI- en bbp-ramingen door het CPB, verwerking van de HGIS-eindejaarsmarge 2018, het verwerken van de loon- en prijsbijstellingen binnen de HGIS en overboekingen naar diverse begrotingen zoals binnen de HGIS is overeengekomen. Binnen de HGIS is budget vrijgemaakt voor een aantal uitvoeringsknelpunten en nieuwe initiatieven die met name liggen op het terrein van het gastlandbeleid (EMA, Kosovo tribunaal en renovatie Vredespaleis), extra inzet ter ondersteuning van de Chinastrategie en een aantal internationale bijeenkomsten in Nederland zoals de Global Entrepeneurs Summit en aantal conferenties georganiseerd door IenW.

Artikel 7

Niet-beleidsartikel 7 Apparaat

Bedragen in EUR 1.000

Stand

ontwerp

begroting

2019

Mutaties via

amendement

2019

Vastgestelde

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2019

Stand

1e suppletoire

begroting

2019

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2020

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2021

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2022

Mutaties

1e suppletoire

begroting

2023

   

(1)

(2)

(3)=(1+2)

(4)

(5)=(3+4)

       

Verplichtingen

763.776

 

763.776

55.119

818.895

43.161

29.589

29.623

31.183

                     

Uitgaven

740.740

 

740.740

75.155

815.895

60.199

46.309

46.343

46.343

                     

7.1.1

Personeel

510.711

 

510.711

21.261

531.972

17.900

29.500

29.500

29.500

 

waarvan eigen personeel

500.711

 

500.711

21.261

521.972

17.900

29.500

29.500

29.500

 

waarvan Inhuur extern

10.000

 

10.000

0

10.000

0

0

0

0

 

waarvan overige personele uitgaven

0

 

0

0

0

0

0

0

0

                     

7.1.2

Materieel

230.029

 

230.029

53.894

283.923

42.299

16.809

16.843

16.843

 

waarvan ICT

45.000

 

45.000

17.813

62.813

15.000

15.000

15.000

15.000

 

waarvan bijdragen aan SSO's

63.891

 

63.891

1.109

65.000

1.500

1.500

1.500

1.500

 

waarvan overige materieel

121.138

 

121.138

34.972

156.110

25.799

309

343

343

                     

7.2

Koersverschillen

pm

 

pm

0

0

0

0

0

0

                     
                     

Ontvangsten

26.450

 

26.450

20.000

46.450

15.000

0

0

0

                     

7.10

Diverse ontvangsten

26.450

 

26.450

20.000

46.450

15.000

0

0

0

                     

7.11

Koersverschillen

pm

 

pm

0

0

0

0

0

0

Verplichtingen

Het verplichtingenbudget wordt in lijn gebracht met het uitgavenkader als gevolg van de hieronder geschetste mutaties.

Uitgaven

Het apparaatsbudget bestaat uit personele en materiele uitgaven. In 2019 stijgt het budget hiervoor met EUR 75 miljoen. Ook in latere jaren neemt het budget toe. Deze stijging kent een aantal oorzaken:

Personeel

Via de eindejaarsmarge 2018 wordt budget toegevoegd aan de begroting voor 2019. Het betreft specifieke personeelsuitgaven die eind 2018 niet meer konden worden verwerkt. Dit heeft begin 2019 plaatsgevonden. Daarnaast neemt het budget toe als gevolg van de reguliere loonontwikkeling. Hierdoor worden de salarissen en hieraan gerelateerde uitgaven van het BZ-personeel bijgesteld. Dit wordt vanuit de HGIS -nog onverdeeld- gefinancierd. Het betreft een structurele reeks. Ten slotte stijgt het budget vanwege de implementatie van de onlangs gepresenteerde Chinastrategie. Hiervoor worden extra fte’s ingezet. Vanuit de HGIS is hiervoor budget beschikbaar gesteld.

Materieel

Het materiele budget neemt toe als gevolg van de inzet van de eindejaarsmarge uit 2018 op reguliere apparaatsuitgaven voor bedrijfsvoering, huisvesting buitenland, ICT en facilitaire kosten. Ook wordt vanuit de HGIS-prijsbijstelling toegekend om inflatie gerelateerde kosten te kunnen opvangen. Verder wordt het budget voor 2019 en 2020 verhoogd vanuit de extra ontvangsten die geraamd worden. Het gaat daarbij om verwachte verkopen van onroerend goed van EUR 20 miljoen in 2019 en EUR 15 miljoen in 2020. Deze middelen worden geherinvesteerd om de huisvestingsportefeuille in het buitenland te rationaliseren, te moderniseren en te verduurzamen.

Ten slotte wordt – zoals in de toelichting bij artikel 4 is toegelicht – in 2.019 EUR 4,5 miljoen overgeheveld naar het beleidsartikel consulaire dienstverlening (artikel 4).

Ontvangsten

De raming op de apparaatsontvangsten wordt naar boven bijgesteld. Er wordt naar verwachting EUR 20 miljoen in 2019 en EUR 15 miljoen in 2020 meer ontvangen uit de verkoop van vastgoed in het buitenland. Met deze middelen worden de investeringen gedekt voor de modernisering en rationalisering van de huisvestingsportefeuille.