Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

  • Download PDF

Vaststelling begroting Koninkrijksrelaties en BES-fonds 2020

35300 IV 43 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Vergaderjaar 2019-2020

Nr. 43

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 19 december 2019

De vaste commissie Koninkrijkrelaties heeft mij gevraagd te reageren op een voorstel van Stichting The Quill ontvangen op 16 oktober jl. Daarna heeft de vaste commissie Koninkrijkrelaties de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gevraagd te reageren op een volgende brief, ontvangen op 13 november jl. Met deze brief reageer ik, mede namens de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, op beide brieven. In de eerste brief benadrukt de Stichting het belang van dataverzameling, vooral op het gebied van geestelijke gezondheid en verslaving onder jongeren. Zoals de voorzitter van Stichting The Quill aangeeft in zijn tweede brief wordt deze aanbeveling ook gedaan door Unicef in de onlangs uitgekomen situation analysis1.

Zeker gezien de schaal van de eilanden kan ik dit voorstel niet beschouwen zonder in acht te nemen welke andere onderzoeken en initiatieven al lopen of zijn toegezegd. Alles overziend ga ik nu niet in op het voorstel van The Quill om een wetenschappelijk onderzoek op te zetten naar de psychische gezondheid van de bevolking in Caribisch Nederland. Dat zal ik hieronder toelichten door eerst een beeld te schetsen van gegevens die wij nu al tot onze beschikking hebben en daarna welke gegevens in het aankomende jaar al worden verzameld.

In 2017 is de health study uitgevoerd door middel van een enquête onder burgers op Caribisch Nederland, waarbij ook de geestelijke gezondheid en middelen gebruik van o.a. jongeren is meegenomen. De uitkomsten van de health study zijn gepubliceerd op de website van het CBS. Afgelopen jaar heeft Unicef deze gegevens ook meegenomen zijn situation analysis. Daarnaast hebben zij interviews afgenomen en focusgroepen met verschillende groepen kinderen en jongeren bij elkaar gebracht.

Voorts wil ik u beknopt een beeld schetsen van de acties en onderzoeken die op stapel staan voor het aankomende jaar. In november 2020 zal het CBS het Jaarrapport van de Landelijke Jeugdmonitor publiceren. In het jaarrapport van de jeugdmonitor wordt al sinds 2017 apart aandacht besteed aan de leefsituatie van jeugd in Caribisch Nederland. Voor de meest recente CBS-publicatie over jeugdigen in Caribische Nederland wordt verwezen naar het jaarrapport jeugdmonitor 2019 dat op 29 november 2019 beschikbaar is gekomen.2 Verder is het CBS voornemens om in 2020 een scholierenonderzoek te verrichten. Financiering vindt plaats uit de extra middelen die VWS beschikbaar heeft gesteld aan het CBS om de jeugdmonitor uit te breiden met Caribisch Nederland. In dit verband heeft de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in zijn schriftelijke beantwoording van de begrotingsbehandeling al aangegeven dat het nieuwe programma van Unicef in Caribisch Nederland 2019–2022 toeziet op ondersteuning aan het CBS in het ontwikkelen en uitbreiden van de jeugdmonitor, in samenwerking met de openbare lichamen3.

Een en ander sluit ook aan bij de motie van het lid Van der Graaf c.s. die ertoe noopt om de data-infrastructuur Caribisch Nederland nader te analyseren en waar nodig en mogelijk met verbetervoorstellen te komen (Kamerstuk 35 300 IV, nr. 28). Ook in reactie op de aanbevelingen van Unicef, om een licht onderzoek te starten naar het welzijn, het gedrag en de geestelijke gezondheid van adolescenten, is dit het uitgangspunt geweest. Met de reeds beschikbare gegevens uit de health study zal het Ministerie van VWS in samenwerking met MHC het middelengebruik en de geestelijke gezondheid van deze groep verder in kaart brengen. Prioriteit ligt nu bij het versterken van de data-infrastructuur op de eilanden.

De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
P. Blokhuis

Noot 1: Kamerstuk 31 839, nr. 695

Noot 2: https://www.cbs.nl/nl-nl/publicatie/2019/48/jaarrapport-2019-landelijke-jeugdmonitor

Noot 3: Kamerstuk 35 500 IV, nr. 35