Direct naar (in deze pagina): inhoud of menu.

Evalueren van ‘lastige’ beleidsdoelen

De aard van een beleidsdoelstelling is sterk bepalend voor de mate waarin het beleid in kwestie zich laat evalueren. Hoe vager een doelstelling, hoe moeilijker de realisatie ervan is te evalueren. En naarmate een doelstelling meer outputgericht is in plaats van outcomegericht (dus meer op het leveren van prestaties dan op het bereiken van effecten), wordt het moeilijker om de doeltreffendheid van het hiervoor ingezette beleid vast te stellen.

Het is verstandig om in de beleidsdoorlichting duidelijk aan te geven als doelstellingen concreter gemaakt zouden moeten worden. Een conclusie over de evalueerbaarheid van de doelen kan ook een van de uitkomsten van de doorlichting zijn. Hieronder wordt een aantal situaties geschetst waarin het lastig is om de realisatie van beleidsdoelen (en dus de doeltreffendheid van het beleid) goed te evalueren.

 

Als het beleidsdoel ver in de toekomst ligt

De doeltreffendheid van beleid is moeilijk vast te stellen als het beleidsdoel in de verre toekomst ligt.

Een relatief eenvoudige oplossing voor dit probleem is: nagaan welke effecten er nu al bereikt zijn. Dit maakt een uitspraak over de effectiviteit mogelijk zonder dat in de doorlichting meteen ook een uitspraak hoeft te worden gedaan over het al dan niet halen van het toekomstige doel.

Nog mooier is het als op grond van de tot nu toe behaalde resultaten ook een inschatting kan worden gemaakt van de kans dat het uiteindelijke beleidsdoel wordt gehaald. Dit kan bijvoorbeeld met behulp van een scenarioberekening of een plausibiliteitsredenering. Een concreet voorbeeld hiervan vormt de ‘stoplichtentabel’ in de bijlage van de Balans voor de Leefomgeving van het Planbureau voor de Leefomgeving.

 

Als het outcomedoel ontbreekt

Er zijn beleidsartikelen waaraan geen outcomedoelen zijn gekoppeld, maar alleen prestatie- of outputdoelen. Een voorbeeld is beleidsartikel 2 van Defensie: “De zeestrijdkrachten leveren operationeel gerede maritieme capaciteit, zowel vloot als mariniers, voor nationale en internationale operaties". Wanneer strikt zou worden gekeken naar het bereiken van dit beleidsdoel is het voldoende om na te gaan of de prestatie ‘leveren van capaciteit’ is gerealiseerd. In gevallen als deze zal de doorlichting zich alleen op de output kunnen richten.  Het Ministerie van Defensie kiest er daarom voor om meer thematische beleidsdoorlichtingen uit te voeren, waarin bijvoorbeeld de effecten van internationale operaties centraal staan. Een voorbeeld is de beleidsdoorlichting Bescherming kwetsbare scheepvaart nabij Somalië uit 2014.

 

Als er neveneffecten zijn

Positieve of negatieve neveneffecten van beleid worden niet expliciet besproken in de toelichting van de RPE op het begrip doeltreffendheid. Toch kan het nuttig zijn om neveneffecten mee te nemen in een beleidsdoorlichting. Immers: inzicht in onbedoelde en wellicht onverwachte effecten kan net zo goed aanknopingspunten bieden ter verbetering van het beleid als inzicht in de bedoelde effecten.